maandag 23 april 2018

Het lied van de geesten, Jesmyn Ward

In Mississippi is er niet zo heel veel veranderd voor de zwarte bevolking sinds het einde van de Jim Crowe wetten. Armoede, geweld en onrechtvaardigheid zijn er misschien beter versluierd dan vroeger, maar nog altijd aanwezig.

De dertienjarige Jojo woont samen met zijn zusje Kayla bij zijn opa en oma aan de kust van Mississippi. Ze hebben het niet breed en oma is ernstig ziek, maar het leven kan slechter.

De geuren van de kruidige maaltijden vormen een baken in Jojo’s leven en opa zorgt goed voor hem. Hij vertelt Jojo de verhalen over vroeger en wat hij heeft meegemaakt, en leert hem op die manier hoe je volwassen wordt. Granpa is Jojo’s grote voorbeeld en hij wil worden zoals opa.

Het grote probleem is de moeder van Jojo en Kayla, Leonie, die vooral bezig is met high worden. Ze is er vaker niet dan wel en als ze er is, is het overduidelijk dat ze zich weinig aan de kinderen gelegen laat liggen.

Michael is de blanke vader van haar kinderen en de liefde van haar leven. Als hij weer uit de gevangenis vrij komt, wil Leonie hem ophalen, en de kinderen moeten mee omdat Leonie even het idee heeft dat ze dan een normaal gezin met een normale toekomst kunnen vormen. Tegelijkertijd is het duidelijk dat ze geen enkele zin heeft om de zorg voor haar kinderen voorop te zetten, op deze ellendige tocht die op geen enkele manier verlossing of verlichting brengt.

Er gebeurt veel in deze roman en er is een belangrijke rol weggelegd voor de gevangenis van Parchman.

De Parchman gevangenis in Mississippi is opgezet in 1901 en vooral zwarte gevangenen, soms zelfs kinderen onder de tien jaar, werden hier gebruikt als dwangarbeiders, onder de meest verschrikkelijke omstandigheden.

Tegenwoordig zijn de meest in het oog springende verschrikkingen aangepast, maar het is nog altijd een van de ergste gevangenissen in Amerika. Voor de zwarte bewoners van Mississippi, die maar al te vaak door onrechtvaardige straffen in Parchman terecht kwamen, blijft het een onheilsplek waar men alleen met angst aan kan denken.
  
Jojo heeft meer gezien dan goed voor hem is en draagt een grotere verantwoordelijkheid dan hij zou moeten, maar gelukkig heeft hij zijn opa en is zijn bestaan dus niet uitzichtloos. Met een grote broer als Jojo moet het voor Kayla ook goedkomen, maar het is duidelijk dat Leonie en Michael totaal geen kans hebben om nog iets van hun leven te maken. 

Het is moeilijk om sympathie voor deze twee te voelen, hoewel je beseft dat Leonie ook haar demonen heeft. Maar dat ze het niet eens op kan brengen om Jojo te beschermen als de politie hen aanhoudt of er na afloop van die angstaanjagende gebeurtenis geen woord meer aan wijdt omdat ze te druk heeft met zichzelf en met Michael, maakt haar gewoon een ontiegelijk rotwijf.

Jesmyn Ward schrijft heel beeldend en door haar beschrijvingen voel je de klamme hitte, ruik je de kots in de auto en zie je met Leonie en Jojo de geesten.

Ik moest even wennen aan de geesten en de actieve rol die ze spelen in het verhaal, maar waar de onrechtvaardigheid hoogtij viert en de doden geen gerechtigheid krijgen, is het geen wonder dat de doden geen rust kennen. Zij blijven de levenden zoeken, om antwoord op hun vragen te krijgen.

Leonie ziet de geest van haar vermoorde broer Given en Jojo ziet de geest van de jonge Richie, die in Parchman zat samen met Granpa en wil weten wat er is gebeurt op het einde van zijn leven. Een einde, dat Grandpa nooit aan Jojo heeft verteld en altijd voor zich heeft gehouden.

Het lied van de geesten is een bijzonder verhaal dat op indringende wijze een inkijk geeft in het leven van de arme zwarte bevolking in het zuiden en daarbij ook nog een bijzonder stuk geschiedenis vertelt.

Ik vond het een mooi boek en ik kwam erachter dat ik Jesmyn Wards eerste roman Salvage the bones, ook in de kast heb staan. Die lees ik dus binnenkort, want dit boek smaakt naar meer.

Originele titel: Sing, Unburied, Sing (2017)
Nederlandse uitgave 2018 door uitgeverij Atlas Contact
Nederlandse vertaling: Harm Damsma en Niek Miedema
Bladzijdes: 313

vrijdag 20 april 2018

Tentoonstelling: Morandi in Heerenveen

Toen ik vorig jaar terug kwam uit Bologna, was ik zeer enthousiast over een kunstenaar die ik daar had ontdekt en wiens werk ik ongelofelijk mooi vond. Giorgio Moradi (1890-1964) was geboren en getogen in Bologna, een stad waar hij altijd zou blijven wonen.

Ik was er vorig jaar van overtuigd dat zijn werken nooit in Nederland te zien zouden zijn of dat die kans in ieder geval bijzonder klein was.

Wie schetst echter mijn verbazing toen ik erachter kwam dat er wel degelijk een Giorgio Morandi tentoonstelling in Nederland te zien is, en wel op dit moment in het Museum Belvédère in Heerenveen. Dus jullie begrijpen dat ik hier ogenblikkelijk naar toe wilde!

Stillevens
Giorgio Morandi is vooral bekend om zijn prachtige stillevens. Zijn atelier stond vol potten, schalen, kommen en vaasjes, die hij ontelbare malen in verschillende composities schilderde, telkens met een sober palet van bruin, geel, grijs, wit, blauw en roze. Het resultaat is niet saai, maar juist verstillend mooi.

Morandi probeerde met zijn schilderijen de mensen anders te laten kijken. Alledaagse voorwerpen, steeds net iets anders geschilderd. Hij wilde de barrières weghalen en alleen de kern overlaten. En hoewel hij geïnspireerd werd door vele schilders, is hij uiteindelijk uniek en is zijn werk meteen herkenbaar.

Des te langer je naar zijn schilderijen kijkt, des te mooier ze worden. De tentoonstelling in Heerenveen is niet heel groot, er hangen zo'n dertig schilderijen en wat tekeningen en voorstudies, maar wel heel erg de moeite waard. Ik was hier samen met vriendin MR en we hebben zeker een uur rondgelopen, telkens opnieuw dezelfde schilderijen bekijkend.
We zagen sommige schalen en potjes ook terugkomen op verschillende werken, en op de foto's die gemaakt zijn in zijn atelier zagen we dezelfde potjes ook weer terug. Hierdoor kwam de schilder en zijn manier van werken heel dichtbij. Door de herkenning waanden we ons een beetje bij Giorgio Morandi in zijn atelier.

Bologna en architectuur
De Groningse kunstenaar Ada Duker heeft prachtige foto's gemaakt in Bologna en zij laat zien hoe de invloeden van de architectuur in Bologna terugkomen in het werk van Giorgio Morandi. Het kan natuurlijk ook niet anders dat iemand die zo verweven is met de stad, beïnvloed wordt door zijn omgeving en wat hij dagelijks ziet.
Foto van Ada Duker

Giorgio Morandi
De foto's die Ada Duker heeft gemaakt zijn heel erg mooi en vormen een bijzonder extraatje bij deze tentoonstelling.
Foto Ada Duker
We hebben genoten van ons bezoek want niet alleen was de tentoonstelling heel erg mooi en zeer de moeite waard, het museum zelf is gevestigd in een prachtig gebouw en in het andere gedeelte waren werken te zien die geïnspireerd waren door Morandi. Heel bijzonder.

De tentoonstelling Giorgio Morandi/Bologna is nog tot 10 juni 2018 te zien in Museum Belvédère in Heerenveen.

maandag 16 april 2018

Edward VIII en Wallis Simpson

Wallis en Edward
Een van de grote schandalen van voor de Tweede Wereldoorlog, was de troonsafstand van koning Edward VIII van Engeland in 1936, die liever de vrouw van wie hij hield wilde trouwen, dan liefdeloos op de troon zitten.

Tenminste, vaak wordt het verteld als een zeer romantisch verhaal, of het tegenovergestelde standpunt wordt ingenomen dat Wallis Simpson een keiharde vrouw was die willens en wetens de Engelse monarchie in een crisis stortte. De waarheid is, zoals gebruikelijk, een stukje ingewikkelder en ligt ergens in het midden.

Ik heb ooit een mini-serie over Edward en Wallis Simpson gezien (met Jane Seymour?), maar veel meer wist ik niet van hen af. Dankzij de serie The crown kwamen ze weer onder mijn aandacht en ik heb de afgelopen tijd verschillende documentaires gezien en twee biografieën gelezen.

Wallis als jonge vrouw
Wallis Simpson
Wallis Simpson groeide op in Baltimore, waar haar moeder na de dood van Wallis’ vader afhankelijk was van de liefdadigheid van familie. Wallis wilde de rest van haar leven maar één ding; financiele zekerheid. Mooi volgens de gebruikelijke standaard was ze zeker niet, maar ze had charme en elegantie. Ze trouwde toen ze nog heel jong was met de militair Spencer, een zeer ongelukkig huwelijk door zijn drankmisbruik.

Na de scheiding trouwde ze met Ernest Simpson, en met hem trok ze naar Engeland. Hier deden ze hun best om in de hoogste kringen opgenomen te worden en een ontmoeting met de prins van Wales in 1932 was het hoogtepunt voor hen. Al heel snel raakte Ernest op de achtergrond en speelde Wallis een allesbeslissende rol in het leven van Edward.

Prins Edward
Edward, de kroonprins van Engeland, was de oudste zoon van koning George V. Hij had een slechte band met zijn ouders, zijn vader was een strenge man die hoge eisen stelde en zijn moeder, koningin Mary was een verlegen vrouw die al haar emoties en gevoelens zoveel mogelijk beheerste.

Edward had een behoorlijke gunstige reputatie, hij werd gezien als charmant en losjes in de omgang en men verwachtte dat hij een nieuwe koning voor een nieuwe tijd zou worden.

De minder goede eigenschappen van Edward waren wat minder bekend bij het grote publiek. Zijn onvermogen om zich op serieuze zaken te concentreren, zijn afkeer van ceremonieel, zijn kinderlijkheid en weigering om volwassen te worden.

Hij had een paar langdurige verhoudingen met getrouwde vrouwen, die hij echter zonder moeite kon afbreken en zonder dit netjes te doen. Hij liet hun telefoontjes gewoon nooit meer doorverbinden.
De prins van Wales
In januari 1936 stierf koning George V en was Edward VIII de nieuwe koning van Engeland. Een positie die hij nooit had gewild en waar hij zichzelf niet geschikt voor achtte.

Een monarchie in crisis
Op de een of andere manier had Edward zich in zijn hoofd gezet dat hij met Wallis zou kunnen trouwen, daarbij vergetend dat zij nog twee levende echtgenoten had en dat een huwelijk volgens de Anglicaanse kerk dus volstrekt onmogelijk was en daarmee voor het volledige Gemenebest. 

Het lijkt erop dat Wallis zich de attenties van de prins liet aanleunen, om vervolgens tot de ontdekking te komen dat ze zich niet meer los kon maken. Zij heeft nog geprobeerd om de verhouding te verbreken, maar de wanhopige koning dreigde met zelfmoord. Toen duidelijk was dat het parlement nooit toestemming voor een huwelijk zou geven, heeft Edward VIII afstand gedaan van de troon.

Nadat haar scheiding van Ernest erdoor was, trouwden Edward en Wallis in het buitenland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Edward benoemd tot gouverneur van de Bahama’s, maar na de oorlog heeft hij nooit meer een officiële functie gehad. De rest van hun leven hebben de hertog en hertogin van Windsor in Parijs gewoond. 
De hertogin en hertog van Windsor
Op een vreemde manier was er sprake van liefde, ja, ze waren tot elkaar veroordeeld, maar tegelijkertijd heeft Edward tot het einde van zijn leven Wallis aanbeden en zij heeft altijd haar best gedaan hem de grandeur te geven waar hij als voormalig koning volgens haar recht op had.

De biografie over Wallis Simpson die ik heb gelezen, is That Woman door Anne Sebba. Hierin wordt een vrij sympathiek portret van Wallis geschilderd. Het is echt de bedoeling om haar reputatie een beetje te rehabiliteren. Tegelijkertijd begrijp je beter waar zij vandaan kwam en wat haar redenen waren voor sommige van haar handelingen. Ze lijkt me nog altijd geen aardige vrouw, maar ik heb wel meer begrip voor haar situatie.

King Edward VIII door Philip Ziegler is een uitstekende biografie. Het laat heel goed de verschillende kanten van de koning zien, en de complexe situatie waarin hij zichzelf had gebracht, zowel voor als na zijn troonsafstand.

Het leest vlot en staat vol goede details, zonder de grote lijn uit het oog te verliezen. Vooral heel fijn dat dit een zeer uitgebalanceerd portret is, dat probeert om nuance te brengen. Zo wordt de relatie tussen Edward en zijn familie een heel stuk duidelijker en ook het bezoek aan Hitler in 1937 komt in perspectief te staan. Zowel Edward VIII als Wallis lijken me niet heel sympathiek geweest te zijn, maar na het lezen van deze biografie had ik wel een zeker mededogen voor ze.

Beide boeken zijn aanraders.

King Edward VIII. The definitive portrait of the Duke of Windsor door Philip Ziegler (1990)
That woman. The life of Wallis Simpson, Duchess of Windsor door Anne Sebba (2011)

vrijdag 13 april 2018

De Promenade des Anglais

Het heerlijke zachte klimaat van Nice heeft altijd al veel toeristen gelokt. Vanaf de 18e eeuw kwamen vooral heel veel Engelsen naar Nice, die het druilerige Engeland maar al te graag wilden verruilen voor deze mooie stad aan de Middellandse zee, zeker in de winter.

Dit waren natuurlijk vooral de rijke Engelsen, aangezien reizen in de 18e en 19e eeuw vooral voorbehouden was aan de mensen die voldoende geld hadden. Ook leden van het Engelse koningshuis kwamen hier graag.

Camin des Angles
Nice had tot de 18e eeuw vooral bestaan uit de Vesting en de Oude stad, maar in de 18e eeuw kwam er de uitbreiding die de nieuwe stad werd genoemd en die zich rondom de oude stad en langs de zee uitstrekte.
Nice in 1625, kaart uit het boek Promenade(s) des Anglais uit 2015
De inwoners van Nice waren vooral vissers, die hun boten op het kiezelstrand hadden liggen en vanaf daar de zee opgingen. Maar al snel kreeg men door dat er aan die nieuwe Engelse gasten geld te verdienen was en de eerste luxueuze hotels werden gebouwd. Vooral langs de zee, zodat de gasten konden genieten van het uitzicht en eventueel konden baden.
Nice aan het begin van de 19e eeuw.
Deze twee foto's heb ik gemaakt op de tentoonstelling in de Villa Massena in Nice. 

De Engelse gemeenschap in Nice die er regelmatig kwam,  bracht geld bijeen om een wandelroute langs het strand aan te leggen. Vanaf 1820 werd deze aangelegd en in de jaren erna steeds verder verfraaid en uitgebreid.

Tot 1860 stond deze boulevard bekend als de Camin des Angles en nadat Nice in 1860 bij Frankrijk kwam te horen, werd het de Promenade des Anglais.

Promenade des Anglais
Tegenwoordig is de Promenade des Anglais zeven kilometer lang en bestaat het uit een ruim opgezette boulevard langs het kiezelstrand, om te lopen, te fietsen, te slenteren en te flaneren. Aan de Promenade staan regelmatig witte bankjes of de karakteristieke blauwe metalen stoeltjes, zodat je hier rustig even kunt zitten.


Hier kun je fietsen huren, skaten of naar muziek luisteren (hoewel die oude meneer met een radio en een microfoon die heel hard meezong met jaren '80 power ballads gewoon heel storend was)
Naast het loopgedeelte is de autoweg, maar eigenlijk heb je van het verkeer bijna geen last. De rustgevende Middellandse zee weet dat heel goed tegen te gaan.

Hotel Negresco
Nice heeft een uitbundige architectuur en langs de Promenade staan heel veel mooie gebouwen. Maar één van de meest opvallende gebouwen in Nice is Hotel Negresco. Henri Negrescu was een Roemeen die in Nice in een casino werkte, maar toen het idee kreeg om een chique hotel te laten bouwen. In 1912 gaf hij de tot Fransman genaturaliseerde Nederlandse architect Eduard Niermans opdracht een hotel te bouwen dat kon wedijveren met de mooiste in Nice. Het werd gebouwd naast de Villa Massena en zou een eigen stuk van het strand krijgen, speciaal voor de gasten.
Het hotel werd geopend in januari 1913 en het was een groot succes, veel gekroonde hoofden zoals koningin Amelie van Portugal, en leden van koninklijke families zoals de Russische groothertogen Vladimir en Dimitri hebben hier gelogeerd.

Helaas heeft Henri Negrescu niet lang van zijn hotel kunnen genieten, tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het geconfisqueerd voor de opvang van gewonde soldaten en in 1920 moest hij helaas het hotel verkopen. Even leek het erop dat het Hotel Negresco geen lang leven beschoren zou zijn. Maar gelukkig werd het hotel gerestaureerd en kwamen de rijke en beroemde gasten weer in drommen om hier te logeren. Van Prinses Grace van Monaco tot Louis Armstrong en van Salvador Dali tot de Beatles, allemaal wilden ze in Hotel Negresco logeren.
Tegenwoordig heeft het hotel prachtige kamers en suites, een restaurant dat een Michelinster heeft en  een kunstwerk van Niki de Saint Phalle in de tuin.
Bijzonder is dat dit het enige hotel van dit statuur ter wereld is, dat eigendom is van een particulier. Sinds 1957 is mevrouw Jeanne Augier eigenaresse van het hotel.

Aanslag
Op 14 juli 2016 reed een terrorist met een auto in op de mensen die zich hadden verzameld op de Promenade om te genieten van de jaarlijkse herdenking van de bestorming van de Bastille. Meer dan 200 mensen waren gewond en 86 mensen kwamen om.
Op sommige plekken zie je nu blokkades staan, zodat een auto er niet langs kan en natuurlijk patrouilleren er constant militairen.

Maar behalve dat was er weinig te merken van deze verschrikkelijke gebeurtenis. Maar nu scheelde het misschien dat ik er was toen het niet verschrikkelijk druk was in Nice en de Promenade des Anglais vooral een plek was om te kunnen wandelen en zitten en te genieten van de heerlijke rustige atmosfeer van Nice.
Uitzicht op de Promenade vanaf de Vesting

Rust aan de Promenade, met uitzicht op de Middellandse zee

woensdag 11 april 2018

Poseren

Dit geweldig poserende kattenbeest zagen wij op Texel, april 2018.
Hij (of zij) zat er helemaal lekker klaar voor. 

maandag 9 april 2018

All the beautiful girls, Elizabeth J. Church


Las Vegas, de wereld van klatergoud, gebroken harten en nog meer gebroken dromen, waar de illusie het belangrijkste is en de werkelijke wereld ver weg is.

In de jaren ’60 in een klein stadje in Kansas wil Lily Decker net zo’n beroemde ster en danseres worden als ze in de televisieshows ziet. Dansen is haar grote uitlaatklep en ze hoopt hiermee beroemd te kunnen worden en vooral, dat ze dan weg kan uit Kansas. Lily heeft haar dromen hard nodig om de werkelijkheid aan te kunnen. Toen ze acht was, werd haar familie gedood bij een auto ongeluk en Lily kwam in huis bij tante Tate en oom Miles.

Tante Tate bedoelde het wel goed, maar voor haar was het opvoeden van een kind gelijk aan het kind te laten wennen aan de hardheid van het leven. Veel warmte had ze niet voor Lily en bijna nooit liet ze zich verleiden tot een vriendelijk woord.

Voor oom Miles was Lily echter een onverwacht cadeautje, dat hij maar al te graag wilde uitpakken, terwijl hij Lily opzadelde met diepe gevoelens van schuld en schaamte.

Gelukkig waren er lichtpuntjes. Zo had Lily iemand die al die jaren over haar waakte en het beste met haar voorhad. Ze noemde hem ‘de Vliegenier; en wist dat hij de enige was die echt om haar gaf. 
Weliswaar was dit begonnen uit schuldgevoel omdat hij meende het dodelijke ongeluk te hebben veroorzaakt, maar de Vliegenier betaalde zijn schuld dubbel en dwars. Hij was het die haar danslessen betaalde en toen Lily vastbesloten was naar Las Vegas te gaan, zorgde de Vliegenier ervoor dat ze kon gaan.

Voor Lily zou het echte leven pas in Las Vegas beginnen, hier zou ze alles achter zich kunnen laten en zichzelf opnieuw kunnen uitvinden.

Maar al snel bleek dat ze haar dromen moest aanpassen. Ze was namelijk niet geschikt was om te dansen in een dansgroep, met haar lijf en uitstraling was in er Vegas alleen plek voor haar in de grote shows, waar de meisjes gekleed gingen in lovertjes en veren en niet veel meer.

De eerste maanden was deze nieuwe wereld genoeg voor Lily. Ze genoot van de luxe, de aandacht van de mannen, de kostuums, de sterren zoals Sammy Davis jr en Tom Jones die ze op zag treden en de vriendschappen die ze sloot. Ze had succes en als Ruby Wilde danste ze de sterren van de hemel op haar torenhoge hakken en nog hogere hoofdtooi.

Maar voor een intelligente jonge vrouw als Ruby was dit niet genoeg, ze wilde meer en ze wilde iets beters. Ten eerste beseft ze dat Las Vegas de echte wereld niet was. Er gebeurde in de jaren ’60 meer dan genoeg in de wereld, op het gebied van de burgerrechten, de oorlog in Vietnam en de veranderingen in de maatschappij, maar voor al deze zaken was in Las Vegas geen plek.

Bovendien merkte ze dat het podium, de spotlights en de aandacht niet langer genoeg waren om haar eenzaamheid en onzekerheid te verhullen. Ze wist ook wel dat in Las Vegas succes beperkt houdbaar is en dat je een back-up plan moet hebben. Lily hoopte eens kostuums te kunnen ontwerpen voor de shows als ze er zelf niet langer in zou dansen. Maar dan is het natuurlijk de vraag of Lily in staat zou zijn om de wonden die in het verleden geslagen waren te boven te komen en de juiste keuzes voor zichzelf te maken.

Ik vond All the beatiful girls een zeer mooi boek, al moet ik wel bekennen dat ik tijdens het lezen van dit verhaal constant het liedje van Wim Sonneveld in mijn hoofd had met de onsterfelijke zin: 'Drie veren droeg zij slechts en soms geeneens geen drie'. Maar dat terzijde.

Lily is een heerlijke hoofdpersoon. Als jong meisje leef je met haar mee en besef je wat er met haar gebeurt. In een aantal vreselijke scenes wordt dit duidelijk, maar het fijne is dat dit niet wordt uitgesponnen of dat er een sensationeel punt van wordt gemaakt. Soms is een feitelijke zin genoeg om ons te laten weten wat er plaats vindt.

Mooi vind ik ook dat Lily een uitgebalanceerd personage is. Ja, ze heeft bepaalde voordelen en talenten, maar ze is daarin niet de beste, de mooiste en de meest geweldige van iedereen zoals je dat in sommige boeken wel hebt. Ze is een getalenteerde danseres, maar als zij niet langer danst, zijn er tien meisjes die haar plaats zo hebben ingenomen. Ook maakt ze domme keuzes, al begrijp je die wel door de achterliggende gebeurtenissen.

Ook de andere personages zijn afgewogen en daardoor levensecht, het zijn geen karikaturen. Lily ontmoet lieve en betrouwbare mensen die haar helpen en steunen, al hebben ze allemaal zo hun eigen dingen waar ze mee worstelen. Het einde vond ik mooi en realistisch, helemaal in lijn met de rest van het verhaal.

Elizabeth J. Church heeft een mooie schrijfstijl, met prachtige zinnen en beschrijvingen, die je zonder problemen meevoert van een klein en bekrompen stadje in Kansas naar de grote clubs in Las Vegas en de wereld die daarachter zat. Een heel fijn boek!

Uitgegeven in 2018
Bladzijdes: 320
Nog niet in het Nederlands vertaald

vrijdag 6 april 2018

Middeleeuwse miniaturen in Utrecht

Een Middeleeuws boek
Voor het maken van een boek kwam in de Middeleeuwen nogal wat kijken. Allereerst moest het perkament gemaakt worden en op maat worden gesneden. Voor zeer bijzondere teksten gebruikte men het allerfijnste perkament, velijn genaamd, dat van lammetjeshuid werd gemaakt.

Vervolgens was er iemand die op de op maat gesneden perkamentvellen een bladspiegel ontwierp. Deze persoon trok lijnen om aan te geven hoe de kolommen en de regels moesten lopen. Daarna kwam de tekstschrijver, en soms waren er ook nog aparte mensen die de titels en de hoofdletters maakten.

Een speciale plek was ingeruimd voor de miniaturisten, de kunstenaars die het verhaal verluchtigden met illustraties.

Tentoonstelling 
In het Catharijneconvent in Utrecht is nu de bijzondere tentoonstelling Magische miniaturen te zien, waarin deze kleine kunstwerken centraal staan.

De tentoonstelling is verdeeld in drie delen. In het eerste deel staan de geestelijke boeken centraal, de Bijbels, de psalmenboeken en de getijdenboeken.

In het tweede deel de wereldlijke boeken zoals de Arthurromans die aan het hof werden voorgelezen aan de dames en heren van adel, de zeer geliefde historische overzichten en de almanakken met bijvoorbeeld medische aandoeningen.

En in het laatste deel van de tentoonstelling wordt er aandacht besteed aan de verschillende kunstenaars van wie wij de namen kennen.

Nieuwe technieken en grappige figuurtjes
Prachtig zijn de verschillende boeken en teksten bewaard gebleven, de kleuren zijn zo fris alsof de tekeningen gisteren gemaakt zijn.

Kleurenverf kon op twee manieren gemaakt worden door de schilders, op basis van planten, of op basis van metalen en edelstenen. Voor bladgoud werd bijvoorbeeld echt goud gebruikt.

Tegenwoordig kunnen ze met de nieuwste technieken niet alleen bekijken wat voor soort inkten en kleuren werden gebruikt, maar ook hoe een miniatuur tot stand kwam.

Uit infrarood onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat de kunstenaars eerst een ondertekening, een schets maakten, van de voorstelling die ze wilden schilderen. In het definitieve werk weken ze soms van hun eerste idee af als dit beter uitkwam in de beschikbare ruimte die ze hadden of als het gewoon een betere voorstelling opleverde.

Randfiguur
Niet alleen werden er illustraties bij het verhaal gemaakt, ook in de rand kwamen er steeds meer versieringen. In de eerste instantie waren dit soort lijnen en patronen in de marge vooral bedoeld om de lezer te helpen in de tekst, maar al snel kon de miniaturist hier zijn creativiteit in kwijt.

Bloemen en planten werden geschilderd, maar ook mensen die allerlei gekke dingen deden en dieren. Zo is er een boek te zien waarin in de marge een aapje bellen blaast.

We weten niet altijd of deze tekeningen een betekenis hadden, of dat het inderdaad grapjes van de miniaturist waren.

Het Middeleeuwse leven
Verder geven de afbeeldingen inkijkjes in de Middeleeuwen. We zien de boeren aan het werk, we zien een jachtpartij of een stadsbelegering en natuurlijk zijn soms de opdrachtgevers van het boek ook te bewonderen. De Bourgondische hertogen lieten zich maar al te graag afbeelden in een door hen besteld boek.

Boeken waren in die tijd geen gebruiksvoorwerpen in de moderne zin dat je er slechts korte tijd van kon genieten, als het goed was gingen boeken zelfs generaties mee.

Boeken waren een middel om uit te drukken hoe vroom je was, of hoe rijk en cultureel je was (dat kon natuurlijk ook heel goed samengaan). Aan het cultureel rijke Bourgondische hof waren de boeken bedoeld om indruk te maken, maar werden ze wel degelijk gelezen.

De tentoonstelling is in samenwerking met de Koninklijke bibliotheek opgezet en ik heb nog nooit zoveel mooie manuscripten bij elkaar gezien. Een zeer bijzondere tentoonstelling die met recht magisch genoemd mag worden!
Magische miniaturen is nog tot 3 juni 2018 in het Catharijneconvent te zien.
Ik heb op de tentoonstelling geen foto's gemaakt, dit zijn foto's van de ansichtkaarten die ik heb gekocht.

maandag 2 april 2018

De bekentenis van de leeuwin, Mia Couto

In het dorpje Kulumani verdwijnen er mensen, de leeuwen die rond het dorp sluipen vallen hen aan en doden hen. Het laatste slachtoffer is de zuster van Mariamar Mpepe en als zij sterft, is de maat vol. Uit de stad wordt een jager gehaald, die de leeuwen moet doden.

Nadat Mozambique onafhankelijk werd in 1975, ontstond er een burgeroorlog die tot 1992 zou duren. De gevolgen van de burgeroorlog laten hun sporen na tot in het heden. 

Niet alleen waren de leeuwen gewend de doden van het slagveld op te eten waardoor ze nu mensen als prooi zien, de mensen zijn ook veranderd. Zij klampen zich vast aan oude tradities die zekerheid moesten bieden toen de tijden zo onzeker waren, en bepaalde wreedheden lijken gewoonte te zijn geworden.

Want leeuwen verkrachten niet en moorden niet uit wraak, dat is het werk van mensen. Mensen die maar al te graag zich verschuilen achter de leeuwen om hun daden te kunnen begaan.

De bekentenis van de leeuwin wordt verteld door twee mensen.
Mariamar Mpepe, die is opgegroeid in het dorp en precies weet welke verschrikkingen zich hier schuil houden, ze heeft ze aan den lijve meegemaakt.

En Arcanjo Baleiro is de jager die uit de stad komt, maar zo zijn eigen demonen heeft om mee af te rekenen. Een verschrikkelijke familiegeschiedenis, een broer die gek is geworden en een vrouw op wie hij verliefd is maar die onbereikbaar voor hem is.

Antonio Emilio (Mia) Couto is de zoon van Portugezen die in de jaren ’50 naar Mozambique trokken. Hij is hier in 1955 geboren en heeft lange tijd als journalist gewerkt, maar is daarna biologie gaan studeren. Hij is nu verbonden aan een nationaal park als bioloog, terwijl hij dus ook nog boeken schrijft waarmee hij verschillende literaire prijzen heeft gewonnen waardoor hij geldt als een van de beste Afrikaanse schrijvers.

Ik had nog nooit een boek uit Mozambique gelezen en heb natuurlijk meteen allerlei dingen opgezocht over de geschiedenis van dit land, dat is het leuke van een boek lezen over iets dat je nog niet kent.

De bekentenis van de leeuwin weet de achtergrond van de burgeroorlog heel subtiel te geven, door een paar opmerkingen, een paar gebeurtenissen. Het is vooral het verhaal van twee mensen die moeten proberen te leven ondanks de verschrikkingen die ze meemaken. De een lukt dat redelijk, de ander lukt dat uiteindelijk niet.

Fijn ook dat in de afwisselende verhalen niet alleen de gebeurtenissen van het nu, maar ook de achtergrondgeschiedenissen langzaam duidelijk worden, dit is mooi opgebouwd. Het einde voor Arcanjo vond ik persoonlijk een beetje te mooi afgerond en suf en daardoor niet heel geloofwaardig, maar dat is een klein punt in een verder bijzonder en mooi boek.

Originele Portugese titel: A Confissão da Leoa (2012)
Nederlandse uitgave 2017 door uitgeverij Querido
Nederlandse vertaling: Harry Lemmens
Bladzijdes: 223

vrijdag 30 maart 2018

Tentoonstelling Marisa Merz in het Serralves museum

In het Serralves museum in Porto is een prachtige tentoonstelling te zien van de Italiaanse kunstenares Marisa Merz.

Zij werd geboren in 1926 in Turijn. In de jaren '50 ontmoette ze Mario Merz, ook een kunstenaar, waarmee ze zou trouwen.

Marisa Merz en haar man hoorden bij de Arte Povere beweging, een kunststroming in Italie uit de jaren '60 en '70, waarbij installaties van eenvoudig materiaal werden gemaakt. Een kunstwerk was niet per se iets blijvends, maar kon ook vergankelijk zijn of slechts tijdelijk.

Marisa Merz wilde de grens tussen kunst en gebruiksvoorwerpen verkleinen, en dit deed ze door het gebruik van alledaags en simpel materiaal, maar ook door de kunstvoorwerpen te gebruiken. Zo heeft ze schoentjes gebreid die ze ook daadwerkelijk zelf heeft gedragen, voor ze in een tentoonstelling terecht kwamen.

Ze heeft verschillende grote solo tentoonstellingen gehad, al kwam haar roem vooral na de jaren '70.

De tentoonstelling The sky is a great space is al eerder in de Verenigde Staten te zien geweest, in New York en Los Angeles. Voor deze tentoonstelling in Europa werken het Serralves museum in Porto en het Museum der Moderne in Salzburg samen.

De tentoonstelling is niet chronologisch opgebouwd, maar laat impressies van haar werk zien. Van de grote aluminium sculptuur uit 1966 die haar eerste grote werk was tot de kleine hoofdjes van klei die ze vanaf de jaren '80 maakte.


Ik kende Marisa Merz niet, maar vanaf het allereerste schilderij dat ik zag, vond ik haar werk erg mooi. Vooral de combinatie van verschillende vormen van kunst en diverse materialen maken het heel apart en bijzonder. Er zijn schilderijen, tekeningen, sculpturen en beeldhouwwerken te zien, maar vooral de combinatie van sommige objecten maken het zeer interessant om naar te kijken.

Het is altijd leuk om een kunstenaar te ontdekken die je nog niet kent en vervolgens onbevooroordeeld op zo'n tentoonstelling rond te lopen en te zien, maar vooral te voelen, wat je aanspreekt. Want bij een aantal kunstwerken kan ik het niet verklaren waarom ik het mooi of interessant vind, daarvoor heb ik er gewoon te weinig verstand van om dat te kunnen analyseren. Maar dat hoeft gelukkig niet in de weg te staan dat je er heel erg veel van geniet.



The sky is a great place is nog tot 22 april 2018 in het Serralves museum in Porto te zien.

maandag 26 maart 2018

Louteringsberg, Thomas Merton

Thomas Merton was de zoon van een schilder uit Nieuw Zeeland en een Amerikaanse en werd in Frankrijk geboren in 1915. Hij had geen heel honkvaste jeugd, zijn moeder overleed toen hij nog maar zes jaar oud was en zijn vader reisde rond om te schilderen. 

Zo woonde Thomas in de Verenigde Staten, Bermuda, Engeland en Frankrijk waar hij soms diep ongelukkig was op de verschillende scholen waar hij op zat, maar ook heel goed werd in talen.

Toen zijn vader overleed in 1931 bleef Thomas in Engeland. Na zijn schooltijd begon hij met een studie aan de universiteit van Cambridge. Hier ging hij echter na een jaar weer weg en toen vertrok hij naar de Verenigde Staten. 

Hij studeerde Engels in New York aan de Columbia universiteit, en stortte zich in het moderne, jachtige leven. Films, jazz, sigaretten en heel veel drank, met een vleugje communisme en wat verkeerd begrepen Freudiaanse ideeën vormden de basis van zijn bestaan.

Tijdens een vakantie naar Rome kwam Thomas erachter dat het klassieke Rome hem niet zoveel zei, maar de vele mooie kerken des te meer. Hij was niet echt religieus opgevoed, hoewel zijn vader wel gelovig was en zijn moeder een quaker achtergrond had. Langzamerhand begon het idee door te dringen dat in deze katholieke kerken iets te vinden is, dat hij in zijn eigen leven niet had. Hij zou hier wel meer van willen, maar tegelijkertijd schrok hij van deze gedachten en stopte hij ze ver weg. De eerste stappen op de Louteringsberg waren echter gezet.

Terug in Amerika liet het geloof hem niet los. Hij begon verschillende boeken te lezen en probeerde een aantal kerken uit, maar keerde telkens terug bij de katholieke kerk. In 1939 werd hij hierin opgenomen. 

Daarmee was het voor Thomas Merton nog niet voldoende, hij besefte dat hij in een klooster wilde intreden. In de eerste instantie was dit verlangen nog niet heel diepgaand. Aan de ene kant voelde hij wel iets voor de strenge Trappisten, maar hij schrok hier ook voor terug en besloot in een minder strenge orde in te treden omdat hij dacht dat hem dat gemakkelijker af zou gaan. 

De Franciscanen wezen zijn aanvraag echter af en uiteindelijk zou Thomas Merton in 1941 toch toetreden tot de orde der Trappisten, waar hij tot zijn dood in 1968 zou blijven.

Het verhaal van zijn leven verscheen in 1948 en werd een grote bestseller, tot op de dag van vandaag is het in druk en er zijn miljoenen exemplaren van verkocht.
Thomas Merton (1915-1968)
Dit is niet gebruikelijk voor een boek dat gaat over iemand die zich bekeert tot het katholieke geloof. Veel mensen zal dit onderwerp op het eerste oog misschien niet erg aanspreken, maar de kracht van Merton is dat hij je weet mee te nemen op zijn reis en het aannemelijk weet te maken dat dit voor hem de juiste keuze was. En dat maakt het een meeslepend boek.

Hij schreef het boek op aanraden en met goedkeuring van zijn abt, maar het moest natuurlijk ook gekeurd worden door de andere Trappisten. Tenslotte was Thomas Merton geen individu meer, maar een monnik binnen de orde. En daardoor is deze autobiografie behoorlijk gecensureerd, zo blijkt. Thomas vertelt dat hij na een jaar de universiteit van Cambridge verliet, maar de werkelijke reden (hij had een relatie met een meisje en daar was een kind van gekomen), kon niet genoemd worden.

Ik had de Engelse versie van het boek, Seven storey mountain, maar ik merkte dat ik bepaalde ideeën en theologische overwegingen in het Engels moeilijk te volgen vond, vandaar dat ik tweedehands een Nederlandse vertaling heb gekocht die ik achter elkaar heb gelezen en waar ik erg van heb genoten.

Ja, het is een verhaal over een religieuze bekering, maar het is vooral het verhaal van een jonge man die zoekt naar zingeving en die uiteindelijk vindt op een plek waar hij het nooit had verwacht. Een plek die volkomen is tegengesteld aan wat hij had gedacht, maar waarvan hij ook weet dat hij hier een waarheid vindt die hij nergens anders kan vinden.

Ik vond een aantal punten erg herkenbaar, zoals de schroom die hij beschrijft als hij voor het eerst in een katholieke kerk bidt, uit angst iets fout te doen en eruit gezet te worden.

Thomas Merton was een gedreven man die het zichzelf en zijn omgeving niet altijd gemakkelijk zal hebben gemaakt. Hij had zat slechte eigenschappen, maar was ook oprecht op zoek naar iets hogers en beters. En dat heeft hij gevonden.

Zijn kloosterleven en de rest van zijn jaren zijn ook bijzonder interessant geweest, maar daar gaat Louteringsberg verder niet over. Gelukkig is er een paar dagen geleden een nieuwe biografie over hem uitgekomen, waarin deze jaren wel aan bod komen. Jullie begrijpen dat ik deze biografie ondertussen al in huis heb!

Ik ben in ieder geval blij dat ik Louteringsberg nu eens gelezen heb en vond het een inspirerend boek dat tot nadenken stemt. Niet slecht voor een boek dat zeventig jaar geleden uitkwam.

Oorspronkelijke titel: Seven storey mountain, 1948
Deze Nederlandse versie uitgegeven door uitgeverij Het spectrum in 1949
Nederlandse vertaling: Andre Noorbeek
Bladzijdes: 371

vrijdag 23 maart 2018

Vijf op vrijdag: 5x Porto (tweede keer)

Vorige week was ik voor de tweede keer op uitwisseling naar Porto. Met een collega en 24 leerlingen waren wij 8 dagen te gast in deze mooie stad. Een vermoeiende week, maar gelukkig is alles vrij goed gegaan, op wat kleine incidenten na (maar die heb je altijd).

Het weer was helaas niet zo mooi als vorig jaar, maar aan de andere kant had het ook élke dag de héle dag kunnen plenzen. En in het weekend was het wel droog en scheen de zon volop, dus echt klagen mogen we niet.

Hier opnieuw vijf mooie foto's om even wat indrukken van Porto te geven.
De magnolia's zijn al zover uit, en het was nog maar half maart!

Het ijkpunt in de stad, de Torre dos Clerigos

De Atlantische Oceaan blijft prachtig. 

Klimmen en dalen, klimmen en dalen. 

Huizen aan de Ribeira, de kade langs de rivier de Douro

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...