donderdag 29 december 2016

Het beste van 2016

Franse modernisten in het Singer museum
Wat een jaar is het geweest, vol politieke rare dingen die weinig goeds beloven voor onze eigen verkiezingen in maart. Een jaar waarin grootheden als Umberto Eco en Leonard Cohen overleden en ook nog zoveel anderen, velen veel te jong.

Voor mij persoonlijk was dit best een goed jaar, ik mag denk ik echt niet klagen en dat doe ik dan ook niet!

Ik heb zoveel schitterende tentoonstellingen gezien dat ik geen favoriet kan kiezen omdat ik daarmee alle andere tekort doe.

Ik heb twee heerlijke vakanties gehad en vooral: heel veel mooie boeken gelezen.

Laten we eens kijken naar het beste van 2016, allereerst hier op het blog.

Favoriete posten in 2016
Welke artikelen die ik heb geplaatst, sloegen het meest aan?

Meest gelezen boekbespreking
De boekbespreking die het meest is gelezen is Schittering van Margaret Mazzantini, een boek dat we zo meteen ook weer tegenkomen in mijn top-tien van 2016.

Meest bekeken foto
De foto of liever de fotoreportage die het meest is bekeken, is het verslag van de moord op een krab: Tod in Venedig(HIER)
Marco de Meeuw
Meest gelezen kunstartikel
De besprekingen van tentoonstellingen worden over het algemeen veel gelezen, en vooral de overzichten zijn populair.
De tentoonstelling die het meest in de belangstelling stond op mijn blog is Franse modernisten in het Singer museum in Laren. Hier ben ik zelf ook twee keer geweest, dus dit begrijp ik zeker! (HIER)

Meest gelezen persoonlijke artikel
Mijn verslag over hoe wij docenten aan het einde van het jaar de overgangsbeslissingen nemen, is in deze categorie zeer vaak gelezen. Dit artikel is (HIER) te vinden.

De boeken
Maar het leukst blijven natuurlijk de boekenlijsten, dus laten we snel daarnaar kijken. Wat heb ik gelezen het afgelopen jaar?

Ik heb in totaal 155 boeken gelezen. Dat is minder dan vorig jaar, maar ik heb dit jaar geen leesdip gehad waarin ik jeugdboeken oid heb weggelezen. Het aantal van dit jaar is daarom een iets representatiever aantal. En een mooi rond getal. Ik houd van ronde getallen.  

Van die 155 heb ik de volgende categorieën gelezen:

Nonfictie: 34 waaronder 15 (auto)biografieën en memoires.

Historische boeken: 30 waarvan 23 fictie en 7 non-fictie.

Fictie: 78
waaronder: 
Over Rusland of van Russische schrijvers: 7
Over Italië of van Italiaanse schrijvers: 13 
Klassiekers: 11

Agatha Christie: 12

In het Engels: 18
Van Nederlandse auteurs: 24
Vertaald vanuit het Frans: 26

De top tien uitkiezen was niet gemakkelijk, ik heb zo ontzettend veel moois gelezen dit jaar. Maar na zorgvuldig nadenken, wikken en wegen, toevoegen en schrappen, is er dan toch het volgende lijstje uitgekomen.

Fictie
  • De kozakkentuin, Jan Brokken. Prachtige historische roman die zich afspeelt in Rusland en gaat over de vriendschap tussen Dostojevski en een jonge diplomaat. (hier)
  • De eerste man, Albert Camus. Ontroerend en mooi, dit verhaal vol autobiografische elementen over een arm jochie dat opgroeit in Algiers en dankzij zijn onderwijzer verder komt. (hier
  • Augustus, John Williams. Indrukwekkend en zeer pakkend, dit verhaal over de Romeinse keizer Augustus (hier)
  • Het ware verhaal van haar en mij, Delphine de Vigan. De Vigan is één van de beste Franse auteurs naar mijn idee, en dit verhaal over vriendschap vol twisten en aanwijzingen dat alles toch anders zit, liet mij niet los (hier)
  • Schittering, Margaret Mazzantini. Als jouw liefde niet geaccepteerd wordt in de maatschappij, moet je het verborgen zien te houden, met alle gevolgen van dien voor de rest van je leven. Indrukwekkend en heel erg mooi.  (hier)
  • Het tumult van de tijd, Julian Barnes. Opnieuw een boek dat zich afspeelt in Rusland, nu over de componist Sjostakovitsj, die zich moet zien te handhaven in een Stalinistisch bewind. (hier)
  • De offers, Kees van Beijnum. Indrukwekkend en mooi verhaal over een Nederlandse rechter bij het Tokyo-tribunaal na WOII en hoe hij, een Japanse vrouw en een ex-soldaat proberen weer een leven op te bouwen. (hier)
  • De boom in het land van de Toraja, Philippe Claudel Ja, opnieuw Philippe Claudel, de man van de mooie zinnen die ook hier niet ontbreken in een verhaal over omgaan met rouw en verdriet. En hoe het leven weer verder gaat. (hier)
  • Madame Manet, Ton van Kampen Nicoline vd Beek Een fictief interview vormt de biografie van Suzanne Leenhoff, de Nederlandse echtgenote van Édouard Manet. Dit boek is ontzettend mooi vormgegeven en de originele verhaalvorm sleept je helemaal mee. (hier)
  • Villa America, Liza Klaussmann. De 'lost generation' verzamelde zich hier, in de Villa America bij Gerald en Sara Murphy. Zeer interessant en knap geschreven en een must-read voor iedereen die geinteresseerd is in deze tijd en deze mensen.  (hier)
Non-fictie
  • Dit is wat ik doe, Lynsey Addario. Memoires van één van de bekendste vrouwelijke oorlogsfotografen. Een inkijkje in het leven van iemand die van conflict naar conflict trekt. Dan begrijp je waarom we zulke dappere mannen en vrouwen hard nodig hebben! (hier)
  • Deep south, Paul Theroux. Heerlijk geschreven boek over de geschiedenis en de actualiteit in het Diepe Zuiden van de VS. (hier)
  • Van Goghs oor, Bernadette Murphy. Een boek dat laat zien dat er ook over Vincent van Gogh nog nieuwe dingen te ontdekken zijn. Bijzonder interessant in alle opzichten. (hier)
  • Tsjechov een fotobiografie, Peter Urban. Een must voor elke Tsjechov-fan, want dit boek laat door de bijzondere opzet weer heel nieuwe aspecten van de grote schrijver zien. (hier)
  • Achter het verdwijnpunt, Laura Cumming. Een schilderij van Velazquez in Engeland in de 19e eeuw. Er is één man die dit schilderij herkent, maar vervolgens begint zijn strijd om het erkend te krijgen. (hier)
  • Marilyn, the biography, Donald Spoto. Een evenwichtige en zeer prettig leesbare biografie, een echte aanrader. (hier)
  • Hold still, Sally Mann Bijzondere memoires van een bijzondere fotografe, die niets uit de weg gaat. (hier)
  • De kinderen van de nacht, Dik van der Meulen. Alles wat je altijd al wilde weten over wolven, en dan ook nog heel fijn opgeschreven. (hier)
  • De stilte van het licht, Joost Zwagerman. Het boek bij de tentoonstelling staat vol mooie essays over kunst, stilte en de samenhang die de kunstenaar hierin kan leggen. Om lang over na te denken (hier)
  • Seven ages of Paris, Alistair Horne. Ik heb dit boek om de een of andere reden niet besproken, maar het is een zeer vermakelijk en goed geschreven boek vol details over de geschiedenis van Parijs, vanaf het allereerste begin tot nu. 
Thrillers
Ik heb dit jaar ook een aantal erg goede thrillers gelezen, maar ik heb ze niet meer besproken (ik vind thrillers bespreken zo lastig, zeker als je niet teveel van het plot wilt weggeven).
Toch wil ik ze hier even kort noemen, want ik heb van elk van deze boeken bijzonder genoten. Dit rijtje is in willekeurige volgorde.
  • Broedertwist van R.J. Ellory
  • Stockholm delete, Jens Lapidus
  • Ik aanbid je, Donna Leon
  • Als het zaterdag wordt, Nicci French
Plannen
Voor 2017 heb ik geen enkel plan op leesgebied. Ik lees waar ik zin in heb en soms leidt het ene boek tot het andere boek en ik laat me lekker leiden. Op die manier kom ik bij de mooiste boeken uit en word ik soms enorm verrast.

Als 2017 net zo'n fijn jaar wordt als 2016 op dit gebied, dan heb ik heel wat om me op te verheugen.

maandag 26 december 2016

Marilyn Monroe, the biography, Donald Spoto

Je kunt je natuurlijk beperken in het lezen tot één boek over een onderwerp en bij een persoon tot één biografie, maar het leuke is juist dat elk nieuw boek en elke nieuwe biografie weer nieuwe details geeft en andere accenten legt. 

Daarom lees ik vaak meerdere boeken over een bepaald onderwerp, en krijg ik geen genoeg van biografieën, ook al ken ik het levensverhaal al.

Ik heb al meerdere biografieën over Marilyn Monroe gelezen, maar er zijn een paar die ik nog niet eerder las en die wel de moeite waard zijn.

Marilyn Montoe, the biography van Donald Spoto is in de jaren negentig uitgekomen en geldt als één van de beste biografieën die er over haar verschenen zijn.

Tot die tijd waren er teveel boeken die de affaires met de Kennedys oplepelden, en een walgelijk kereltje Robert Slatzer geloofden die beweerde met haar getrouwd te zijn geweest, en teveel boeken die zeiden dat de CIA haar vermoord had.

Donald Spoto heeft zo’n honderdvijftig mensen gesproken die Marilyn hebben gekend en bij haar leven en film betrokken waren. Hij had toegang tot nieuwe papieren die in de jaren daarvoor nog afgesloten waren en heeft zo’n 35.000 documenten bestudeerd.

Natuurlijk zou je dingen kunnen opmerken ten nadele van dit boek, geen enkel boek is tenslotte perfect. Maar de enkele generalisatie en de melodramatische opmerkingen die Donald Spoto soms maakt, doen niets af aan het feit dat dit een zeer goede biografie is. Het is evenwichtig en eerlijk en zo zorgvuldig mogelijk.

Hij schrijft over haar jeugd en eerste jaren in Hollywood en is eerlijk over de verhoudingen die ze daar heeft gehad, zonder dat hij met allerlei details komt of haar door het slijk haalt.

Er is veel aandacht voor de laatste periode van haar leven, waarin haar huwelijk met Arthur Miller misliep en het filmen van The Misfits een dieptepunt was voor iedereen. Arthur Miller kwam elke avond met nieuwe versies van het script, zodat Marilyn nooit goed uitgerust op de set verscheen en ook nog moest verduren dat bij elke verandering haar personage steeds verder werd uitgehold en afgevlakt, een duidelijk teken dat Arthur Miller niet meer van haar hield en zich ontpopte tot een kleinzerig mannetje.

Het is geen wonder dat Marilyn aan het einde van haar Latijn was, maar de reactie van haar therapeut Marianne Kris was buiten alle proportie. Onder het mom van 'even tot rust komen' werd ze tegen haar wil opgenomen op de psychiatrische afdeling en zat ze zes dagen in de isoleercel. 

Marilyn bleef hier verbazingwekkend goed bij zinnen. Toen ze te horen kreeg dat ze misschien kon breien, gaf ze als antwoord dat als ze haar ooit zagen breien, ze zeker zouden weten dat ze gek was geworden. 

Het was uiteindelijk Joe DiMaggio die haar weghaalde uit het ziekenhuis door te dreigen dat hij het hele gebouw af zou breken als Marilyn niet met hem mee zou mogen. Ondanks hun mislukte huwelijk bleek hij een redder in de nood en een ware vriend te zijn toen Marilyn hem nodig had.

Donald Spoto laat zien hoe steeds allerlei mensen probeerden om Marilyn onder controle te krijgen. Lee Strassberg was misschien een goede dramadocent, hij heeft er ook voor gezorgd dat Marilyn dacht dat ze zonder zijn hulp en die van zijn vrouw Paula niet kon acteren en hij zorgde ervoor dat zijn vrouw een riant salaris kreeg om Marilyn bij te staan.

Ook haar therapeuten deden haar meer kwaad dan goed met hun nadruk op haar ongelukkige kindertijd en hoe ze zonder steun eigenlijk niet op eigen benen kon staan.

Psychiater Ralph Greenson ontpopte zich tot een volstrekte schertsfiguur die elke professionele distantie aan zijn laars lapte, alleen omdat hij er mee kon geuren dat de meest beroemde vrouw in Amerika zijn cliënte was. 

Hij hield haar klein en afhankelijk, liet haar door een huishoudster in de gaten houden en deed er alles aan om haar afhankelijkheid aan pillen in stand te houden. Zijn nalatigheid heeft zeker bijgedragen aan haar dood.

De minachting van Donald Spoto voor deze figuur is duidelijk te merken en daarmee is het beslist geen bloedloze, zakelijke biografie. En dat maakt het een bijzonder leesbaar en prettig boek, dat ik eigenlijk niet weg kon leggen.

Als je een biografie van Marilyn Monroe wilt lezen en nieuwste van Gary Vitacco-Robles (hier) is een beetje te veel van het goede voor je met z'n 1300 paginas’s, dan is deze van Donald Spoto het beste alternatief.

Uitgegeven in 1993
Er is een Nederlandse vertaling beschikbaar

vrijdag 23 december 2016

Inspirerende kunst: Edgar Degas

Edgar Degas (1834-1917) is een van de bekendste kunstenaars uit de 19e eeuw. Hij was lange tijd goed bevriend met schilders als Manet en Monet, maar een echte Impressionist was hij zelf niet. Hij prefereerde het schilderen in zijn eigen studio boven schilderen en plein air en vond ook realisme belangrijker dan te proberen een moment te vangen op het doek.

Hij was gefascineerd door de beweging van lichamen en vooral van die van dansers. Zijn vele schilderijen met balletdanseressen laten dit goed zien.

Tegelijkertijd zie je in zijn schilderijen ook de donkere kant van de Parijse balletwereld in de 19e eeuw; de mannen die verschillende danseresjes als ‘beschermeling’ hadden. Eigenlijk was dit een vorm van prostitutie; gunsten in ruil voor seks.

Het schilderij L’Etoile (De ster, 1878) laat deze beide kanten van het ballet zien. Op de voorgrond zie je de prima ballerina. In een prachtige witte jurk staat zij in een bijna gewichtsloze pose, balancerend op één voet. In de coulissen zie je ook de andere danseressen van het corps de ballet, maar alle aandacht gaat naar de danseres op de voorgrond, in eenzame perfectie.

Tegelijkertijd zie je links in de coulissen de schim van een man staan, waarschijnlijk de ‘beschermheer’ van de prima ballerina, hij wacht tot de voorstelling klaar is en zij met hem mee naar huis kan.

Ik was op zoek naar een nieuwe poster voor in de lijst in de woonkamer. De Paul Klee die hier hing, had ik al bijna 15 jaar en die was ondertussen nogal verkleurd. Ik was op internet op zoek naar schilderijen van Degas en kwam toen deze tegen. 

En op het moment dat ik dit schilderij zag, herkende ik het, ik herinnerde me namelijk dat mijn opa en oma vroeger (en dan heb ik het over 35 jaar geleden) een afbeelding hiervan op de logeerkamer hadden hangen. Ik kan me verder absoluut niets herinneren van wat opa en oma aan de muur hadden hangen, maar deze prent heeft blijkbaar indruk op me gemaakt.
De keuze voor een nieuwe afbeelding bij mij in de woonkamer was dan ook snel gemaakt. 

maandag 19 december 2016

Het boek der illusies, Paul Auster

Zoals altijd als ik een boek van Paul Auster uit heb, heb ik het idee dat ik opnieuw moet beginnen om de verborgen aanwijzingen eruit te halen. Bovendien ben ik me er bij elke bladzijde van bewust dat er een dubbele bodem aanwezig kan zijn. 

Toch is dit bij dit boek waarschijnlijk iets minder dan bij eerdere boeken die ik van hem heb gelezen. Maar daar is het gelukkig niet minder mooi of bijzonder om, Paul Auster is een schrijver die ik zeer waardeer en ook dit boek is weer een bewijs van zijn vaardigheid.

In Het boek der illusies gaat het om David Zimmer die een verschrikkelijke tragedie moet verwerken. Tijdens een vliegtuigongeluk komen zijn vrouw en twee zoontjes om. Hij stort zich in de drank en weet maandenlang elk contact met anderen te vermijden. 

De eerste keer dat iets tot hem doordringt en hij weer een gewone menselijke emotie ervaart anders dan verdriet, is als hij een stomme film uit de jaren ’20 kijkt. Voor het eerst in tijden barst hij spontaan in lachen uit.  

De maker van de film was Hector Mann, die enkele films heeft gemaakt en in 1929 spoorloos verdween. David Zimmer raakt gefascineerd door deze Hector Mann en stort zich op een project om al zijn films te bekijken en er een boek over te schrijven.

Dit zorgt ervoor dat hij weer een beetje in de wereld van de levenden komt en na het schrijven van het boek kan hij een nieuw project beginnen, de vertaling van de memoires van de Franse schrijver Chateaubriand. 

Maar terwijl hij hiermee bezig is, krijgt hij een brief van de echtgenote van Hector Mann die hem vraagt om naar New Mexico te komen om te praten met Hector, die nog altijd in leven lijkt te zijn. 

In de eerste instantie denkt Zimmer dat het gaat om een grap en gaat hij er niet op in, maar als er een vrouw opduikt die zegt Hector Mann te kennen, gaat Zimmer met haar mee. Eindelijk zal hij dan te horen krijgen wie Hector Mann is en wat er van hem is geworden.

Dood en illusie
Dood is een constant aanwezige factor in het boek, van de werkelijke doden tot de valse dood die Herman Mann in scene heeft gezet om te kunnen verdwijnen tot de literaire doden als de memoires van Chateaubriand (hij vertaalt tenslotte 'Memoires van over het graf').

Het zijn ook verhalen in het verhaal, waarvan je niet weet of wat waar is en welke delen misschien wel illusie zijn. Van de films die Hector Mann maakte, de verwijzingen naar de literatuur en literaire archetypes.

 Maar zelfs verwijzingen in verwijzingen op de typische Auster-manier zoals het verhaal van de laatste film die Hector Mann maakte over een schrijver die zijn laatste verhaal vernietigde om oud te kunnen worden met zijn zelfgeschapen creatie.

Hector Mann maakte stomme films en verdween daarna om uiteindelijk in de woestijn films te maken die nooit iemand zou zien, de ultieme illusie. David Zimmer zal er uiteindelijk slechts één van kunnen zien, voor ze vernietigd worden en elk restje bewijs dat ze ooit gemaakt zijn, is verdwenen.

David Zimmer vertrekt uiteindelijk weer van de ranch van Hector Mann met alleen zijn herinneringen en de mogelijke nieuwe toekomst die hij hoopte te kunnen hebben, verdwijnt door iemand die erop gebrand is een bepaalde illusie in stand te houden.

Er zitten een paar onlogische punten in dit verhaal, maar ik heb altijd het idee dat je bij de boeken van Paul Auster de logica een beetje los moeten laten. Je moet je gewoon mee laten voeren in zijn wereld, waar niet alles is wat het lijkt en je zelf moet uitmaken wat nu werkelijkheid is en wat illusie.

Originele titel: The book of illusions
Uitgegeven in 2002
Nederlandse uitgave 2002 door uitgeverij De arbeiderspers
Nederlandse vertaling: Mea Flothuis
Bladzijdes: 278

vrijdag 16 december 2016

Klassieke verleiding van Alma-Tadema

Gunstig uitkijkpunt 1895
De jonge Lourens Tadema werd in 1836 geboren in een Fries notarisgezin. De jongeman was artistiek begaafd en ging toen hij zestien was naar de kunstacademie van Antwerpen. 

Hier begon hij met het schilderen van (vroeg-middeleeuwse) historische taferelen, in de academische en romantische traditie. Ook de Egyptische oudheid was voor hem dankbaar onderwerp.

Zijn roem verspreidde zich snel en hij begon al flink wat opdrachten te krijgen.

In 1863 trouwde hij en het paar ging op huwelijksreis naar Italië. Hier waren net grote opgravingen in Rome, Napels en Florence aan de gang en dit inspireerde de schilder tot het schilderen van momenten en gebeurtenissen uit de Klassieke Oudheid. En eigenlijk heeft hij zich vanaf die tijd tot zijn dood in 1912 bijna altijd bij dit onderwerp gehouden.

Op het persoonlijke vlak kreeg hij een grote klap toen zijn vrouw Paulien in 1869 stierf. Kort daarna vertrok Tadema met zijn dochtertjes naar Londen. Hij hertrouwde in 1871 met Laura, die ook schilderde, en hun huis werd een verzamelplaats voor artistiek Londen.

Tadema werd Lawrence Alma-Tadema, hij plakte zijn tweede voornaam aan zijn achternaam zodat hij in een catalogus altijd bovenaan zou staan (en het klonk chic).  In 1873 werd hij zelfs geneutraliseerd tot Engelsman.

Zijn schilderijen vielen bijzonder in de smaak bij het Engelse publiek en jarenlang was Alma-Tadema de onbetwiste aanvoerder van de Engelse kunst.

Na de Eerste Wereldoorlog raakte zijn Victoriaanse manier van schilderijen volkomen uit de gratie bij de nieuwe generatie kunstenaars, maar sinds de jaren ’60 worden zijn werken weer gewaardeerd. 
Onbewuste rivalen
Klassieke verleiding
Wat maakt de schilderijen van Alma-Tadema nu zo bijzonder? Hij geeft als het ware inkijkjes in het Romeinse leven, en doet dat op zo’n manier dat je het gevoel hebt er zelf bij te staan. Vaak door knap gebruik van perspectief en ruimte, maar ook door de sfeer van zijn afbeeldingen. 

De mensen op zijn schilderijen zitten op marmeren banken, met achter zich de Middellandse zee, omringd door prachtige bloemen of ze voeren de vissen in een vijver, of ze zijn bezig met alledaagse zaken, zoals het lezen van een boekrol. Het zijn bijna dromerige afbeeldingen, waar de tijd weinig vat op lijkt te hebben.

Heel mooi weet hij in elk schilderij elke stof, elk materiaal anders af te beelden en je kunt als kijker bijna zien hoe een zilveren armband anders aanvoelt dan een fluwelen rok.

Historische details waren belangrijk voor hem en zijn huis was gevuld met historische meubels en klassieke gebruiksvoorwerpen die terugkwamen op zijn schilderijen. Ook maakte hij gebruik van foto’s en had hij een grote collectie boeken over de oudheid.

Zijn schilderijen zijn op de academische manier glad afgewerkt en lijken op het eerst oog misschien wat ‘zoetig’ (bijna als poesiealbum-plaatjes), toch als je er langer voor staan zie je de prachtige, adembenemende details en besef je hoe bijzonder deze werken zijn.
Een liefdesbericht, 1909
Tentoonstelling
In het Fries museum is op dit moment de schitterende tentoonstelling Alma-Tadema, Klassieke verleiding te zien. 

Zo’n tachtig werken zijn bij elkaar gebracht uit collecties uit heel de wereld, maar ook voorwerpen zoals de zilveren vaas of het antieke bankje die op veel schilderijen terug te vinden zijn.

Het uitgangspunt van de tentoonstelling is hoe de schilderijen van Alma-Tadema ons beeld van de oudheid hebben gekleurd. We stellen ons de oudheid voor, zoals die op zijn schilderijen te zien is.

Dit komt mede door de filmmakers, die dankbaar gebruik hebben gemaakt van zijn beelden, van de film Quo Vadis uit 1912 tot Gladiator uit 2000 is er gekeken naar de kostuums, de voorwerpen en de aankleding van ruimtes, zoals die in zijn schilderijen te zien zijn. Op de tentoonstelling laten ze regelmatig de filmbeelden zien naast de schilderijen en dan zie je hoe veel de filmmakers te danken hebben aan zijn werken.
De rozen van Heliogabalus, 1888
Ik wist niet zo heel veel over Alma-Tadema en kende zijn schilderijen niet zo heel goed. Afgelopen woensdag heb ik met een vriendin de tentoonstelling bezocht en die heeft mijn verwachtingen aan alle kanten overtroffen.  

Alma-Tadema’s vakmanschap is onmiskenbaar en ik vond bijna alle schilderijen gewoon ongelofelijk mooi. De sfeer, de details, de historische correctheid spraken me enorm aan en ik heb er dan ook bijzonder van genoten.

Ik kan iedereen aanbevelen om naar Leeuwarden te gaan, want eigenlijk mag je deze tentoonstelling niet missen.

De tentoonstelling Klassieke verleiding van Alma-Tadema is nog tot 7 februari 2017 te zien in het Fries museum in Leeuwarden. Voor de MJK geldt een toeslag van 3 euro.

Er mochten geen foto’s gemaakt worden en ik heb dus foto’s van de ansichtkaarten gemaakt. 

maandag 12 december 2016

Kinderen van de nacht, Dik van der Meulen

Wolven zijn fascinerende dieren die de mensen als sinds het begin in gelijke mate angst en bewondering hebben ingeboezemd.

Wolven spelen een rol in sprookjes als angstaanjagende monsters, er zijn legio verhalen van wolven die mensen hebben aangevallen en zijn in vampierverhalen de trouwe metgezellen van Dracula.

Tegelijkertijd zijn er weinig dieren die zoveel ademloze bewondering oproepen als de wolf, die met zijn lichte, dansende gang door de bossen trekt en vele kilometers af kan leggen in korte tijd. Er zijn mensen die zich verbonden voelen met de wolf, en langs reizen ondernemen om de wolf in het wild te ontmoeten.

Ze staan symbool voor het onderbewuste, voor kracht en ook voor erotiek, hoewel Sigmund Freud dit laatste wel erg ver doorvoerde toen hij dacht dat iemand die over wolven droomde dus als kind zijn ouders had gezien in een seksuele handeling en daarom een trauma had opgelopen.

Dik van der Meulen begint in dit boek met de oorsprong van de wolf, waar komt de wolf vandaan en wanneer was de wolf de wolf die wij kennen? De huidige technieken zoals DNA onderzoek kunnen daar een vrij goed antwoord op geven, waar de wetenschappers (en die term kan je soms vrij losjes gebruiken) in eerdere eeuwen vaak moesten gissen naar de herkomst van bijvoorbeeld botten.

De mens en de wolf leven al lang naast elkaar en meestal gaat dit goed. Wolven zijn over het algemeen vrij schuw en zullen zich niet snel laten zien als er mensen in de buurt zijn.

Indianen in Noord-Amerika hebben vele verhalen over wolven die mensen helpen en zij namen ook tactieken over van de wolven om beter op hun prooi te kunnen jagen. Hierin zijn de wolven de leermeester van de mensen en in deze verhalen genieten de wolven veel respect.

Natuurlijk zijn er ook confrontaties. In de middeleeuwen waren er veel verhalen over wolven die mensen lastig vielen, vooral als er door strenge winters weinig voedsel te vinden was. De schaapskuddes met hun (soms zwakke) menselijke bewakers waren dan een gemakkelijke prooi. Er werden vaak grote klopjachten gehouden om wolven te doden, waarbij elke dode wolf een beloning opleverde.

Niet elk verhaal echter waarbij mensen gruwelijk worden verminkt, zijn de wolven daadwerkelijk de daders, zoals blijkt uit sommige Franse gebeurtenissen waarbij menselijke moordenaars de schuld aan wolven geven.

De wolven zijn de laatste jaren weer in opkomst. In Italie, Spanje en Frankrijk zijn ze eigenlijk nooit weggeweest, maar ook in Duitsland zijn sinds enkele jaren weer wolven te vinden die vanuit Polen zijn komen lopen.

De wolf kan in natuurbeheer veel betekenen. Nadat in Yellowstone park in Amerika er weer wolven waren uitgezet, bleek dat de natuur zich in korte tijd herstelde. Door de wolven, waren de herten gedwongen om sneller rond te trekken en dit kwam de begroeiing ten goede. Daardoor kwamen er ook weer bevers en otters, waardoor de andere roofdieren weer terug kwamen. Een mooier park en een betere balans in de natuur, dankzij de wolven. 

De terugkomst van de wolf hoeft dus beslist geen probleem te betekenen, wat niet wil zeggen dat er geen problemen kunnen ontstaan. Ideeen om wolven in Nederland uit te zetten zijn nog niet serieus toegepast, waarschijnlijk vooral omdat dat het leefgebied voor de wolven in Nederland wat te klein is, zodat confrontaties (met schapen vooral), niet zijn uit te sluiten.

Leuk is wel dat de meeste Nederlanders positief staan tegenover de wolf en de eventuele komst van de wolf. Toch zal voorlopig een wolf in Nederland eerder een toevallige voorbijganger zijn dan een wolf die zich hier permanent vestigt.

Kinderen van de nacht is een fascinerend boek vol wetenswaardigheden over wolven en de mensen die zich bezig houden met wolven. De geschiedenis van de wolf en de manier waarop mensen tegen wolven aankijken, de rol van de wolf in de natuur en het onderbewuste van de mensen, dit alles is ongelofelijk interessant. 

Dik van der Meulen heeft een fijne schrijfstijl, waarin een droge humor doorklinkt die het erg leesbaar maakt.

Kortom, een zeer fijn boek over prachtige en bijzondere dieren.

Uitgegeven in 2016 door uitgeverij Querido
Bladzijdes: 325

vrijdag 9 december 2016

Vijf op vrijdag: 5 films van Marilyn Monroe

Vandaag vijf films van Marilyn Monroe die ik in de afgelopen tijd heb bekeken. Sommige hebben de tand des tijds goed doorstaan, andere helaas wat minder. Maar hoe dan ook, dank zij Marilyn Monroe waren ze wel de moeite van het bekijken waard.

Don’t bother to knock (1952)
In deze zwart-wit film speelt Marilyn Monroe Nell, een jonge vrouw die dank zij haar oom een baantje krijgt als babysitter in een hotel. Terwijl het echtpaar beneden in het hotel bij een officiële gelegenheid is, en het kind is gaan slapen, probeert Nell de kleding en de juwelen uit van de echtgenote. 

Een andere gast in het hotel denkt in de eerste instantie dat ze een gast is en papt met haar aan, maar al snel blijkt dat Nell een duister verleden heeft en eerlijk gezegd waarheid en wanen niet helemaal meer kan scheiden, met alle gevolgen van dien.

Geen scene uit de film, maar een promotiefoto
Niagara (1953)
Rose en George Loomis zijn al een tijdje getrouwd, maar goed is hun huwelijk niet te noemen. Ze verblijven in een huisje nabij de Niagara Falls, waar ook echtpaar Ray en Polly op huwelijksreis komen. 

Al snel wordt duidelijk dat de relatie tussen Rose en George op een absoluut dieptepunt is, waarbij George jaloers is op elke man die naar de verleidelijke Rose kijkt en Rose een verhouding heeft met een andere man. 
Samen met haar minnaar heeft ze het plan om George te vermoorden, maar de vraag is of alles zo loopt zoals ze gepland hebben.

Niagara is een klassieke film-noir die nog altijd spannend is en warempel fris aandoet. Hoewel Marilyn hier een echt dramatische rol heeft, iets waarvan men lang dacht dat ze dat niet zou kunnen, is ze zeker overtuigend als Rose. De manier waarop ze een verveelde vrouw neerzet, die iedereen om haar heen bespeelt is onnavolgbaar. Ja, Niagara is nog altijd de moeite waard om te zien.

Gentlemen prefer blondes (1953)
Het verhaaltje van deze film stelt echt helemaal niets voor, het is een typisch vehikel van de studio die Marilyn vooral als seksbom zag waar ze veel geld aan konden verdienen. Dit was precies het soort film dat Marilyn verschrikkelijk vond om te maken.

Lorelei (Marilyn Monroe) is een showmeisje en verloofd met een rijke man, omdat hij rijk is. Zijn vader ziet de verloving niet zitten en laat Lorelei en haar vriendin volgen als ze naar Parijs gaan, waar een heleboel verwisselingen, verwarringen en gedoe plaatsvindt, voor echte liefde zegeviert en echte diamanten terug zijn bij de eigenaar.

Ondanks het echt suffe verhaal zijn de scenes tussen Marilyn Monroe en Jane Russell heerlijk, ze hebben echte chemie en zijn samen bijzonder grappig.
Diamonds are a girls best friend is een geweldig nummer en Marilyn brengt dit op onnavolgbare wijze.

Kortom, een film de je vooral moet kijken om Monroe en Russell en om de liedjes.

The river of no return (1954)
Dit is een ouderwetse Jaren ’50 western, waarin de Indianen nog stereotype moordlustige figuren zijn en een sterke, zwijgzame kerel (type ruwe bolster, blanke pit) het meisje krijgt.

Kay (Marilyn Monroe) is een zangeres in een goudzoekerskamp en heeft een relatie met Harry Weston. In het kamp wordt een klein jongetje achtergelaten, die moet wachten tot zijn vader hem ophaalt. De vader is Matt Calder die net is vrijgekomen uit de gevangenis.

Harry Weston blijkt een schurk en hij steelt het paard van Matt om snel naar de stad te gaan, en Matt, Kay en Mark moeten hem achterna. Ze gebruiken hiervoor het enige vervoermiddel dat ze hebben, een vlot om rivier af te varen.

Ze moeten woeste stroomversnellingen, moordlustige indianen, een poema en premiejagers zien te overleven, voor ze in de stad Harry weer tegenkomen.

De film is opgenomen in Canada en het landschap is bijzonder mooi, dit maakt nog altijd indruk in de film. De omstandigheden van het filmen waren niet bepaald gemakkelijk; Robert Mitchum dronk, Marilyn raakte gewond en moest op krukken lopen en beiden hebben een groot deel van het filmen kletsnat (en koud) doorgebracht omdat ze steeds op dat vlot zaten.

Het is een western zoals ze nu niet meer gemaakt worden, daarvoor is het verhaal te stereotype en te oppervlakkig, maar al met al is het nog wel de moeite waard.  Monroe acteert hier goed en ze zingt (zoals altijd) haar eigen liedjes. Leuk ook om haar hier met lang haar te zien!

Busstop (1956)
Dit wordt over het algemeen gezien als een belangrijke film voor Marilyn Monroe omdat ze hier voor het eerst acteert op een natuurlijkere manier, zonder de maniertjes die haar acteercoach Natasha Lytess haar geleerd had. Bovendien had ze net hiervoor haar contract met de studio opnieuw afgesloten en kreeg ze meer betaald en betere rollen.

Ze speelt hier Chérie, een nachtclubzangeres die meer ambitie en dromen heeft dan echt talent. Op een dag komt rodeocowboy Bo de nachtclub binnen en deze cowboy die vers van de boerderij komt en nog nooit een meisje heeft gekust, wordt ter plekke verliefd op haar en besluit haar te trouwen. Al Chéries tegensputteren heeft geen enkele zin, hij sleept haar gewoon mee. Pas als de bus moet stoppen bij een halte ergens in de middle of nowhere vanwege de sneeuw, komt Bo door omstandigheden tot inzicht.

Opnieuw een film die nu niet meer gemaakt zou worden vanwege het belachelijke verhaal, maar er is ook veel goeds in deze film. Marilyn Monroe is echt heel erg goed, het is niet gemakkelijk om slecht te zingen zoals Chérie doet, terwijl je eigenlijk heel goed kunt zingen en ze geeft ook haar personage diepte en een achtergrond mee, die haar vorige films misten.

Bo (Don Murray) is een ongelofelijk irritant figuur, hoewel ik er ook wel heel erg om moest lachen, vooral zijn absolute weigering om een andere zienswijze te accepteren levert wel heel veel komische momenten op. Maar aan het einde van de film ben je wel blij dat de buschauffeur hem eens flink op zijn plaats zet, dat heeft hij wel echt nodig.

Nu ik een aantal van haar films heb bekeken, kan ik zeggen dat Marilyn Monroe een betere actrice was dan haar films doen vermoeden. Je kunt ook duidelijk zien hoeveel werk ze deed om haar acteren en zingen en alles wat erbij kwam kijken precies goed te krijgen, zelfs al was het in een rol die ze verafschuwde. Ze was daarin een absolute vakvrouw. 

Ik denk dat het duidelijk is dat zij eigenlijk altijd beter was dan de film zelf, want ondanks de flutverhaaltjes zijn haar vertolkingen nog altijd de moeite waard om te bekijken. 

maandag 5 december 2016

Het leven van Vernon, deel II, Virginie Despentes

Het boek (l) en Silvia (r)
In het vorige deel (hier) maakten we kennis met Vernon Subutex, de oud eigenaar van een vermaarde platenzaak die alles is kwijtgeraakt. Met een tas vol spullen, waaronder een videoband waar iedereen naar op zoek is, zoekt hij bij oude vrienden onderdak, tot hij uiteindelijk op straat belandt, afgesloten van alles en iedereen.

In dit nieuwe deel gaan we naadloos verder waar het eerste boek ophield. Vernon heeft zich verschanst in een park op de Butte Chaumonte, met uitzicht op de Sacré Coeur. Hij heeft geen onderdak en wordt ziek, maar krijgt hulp van een aantal andere daklozen, zoals Olga, Laurent en de oude alcoholist Charles die ook in het geheim miljonair is, die hem onder hun hoede nemen.

Ondertussen is het hele bonte gezelschap van oude vrienden en bekenden van Vernon naar hem op zoek. Ze willen de videoband van Alex Bleach zien en maken zich zorgen om Vernon. Als ze hem vinden, blijkt echter dat Vernon niet bereid is om terug te keren in de normale maatschappij. Hij blijft bij zijn nieuwe vrienden. 

Hij verwacht van zijn oude vrienden daarna weinig meer te horen, maar op de een of andere manier komt er een hele beweging op gang van mensen die bijna elke dag in het park komen, met elkaar praten, terwijl Vernon als een soort hogepriester van deze nieuwe religie minzaam toekijkt.

Eigenlijk wordt het park door zijn aanwezigheid een substituut voor zijn oude platenzaak waar de mensen ook langskwamen om te horen wat hij over muziek te vertellen had en de nieuwste platen te beluisteren.

Er ontstaan nieuwe vriendschappen, mensen die elkaar nooit eerder zouden hebben gesproken, krijgen waardering voor elkaar en zoeken elkaars gezelschap. Xavier, die in het vorige deel in elkaar is geslagen, krijgt zelfs contact met de jongen die dat gedaan heeft.

Virginie Despentes heeft weinig op met de moderne maatschappij waarin polarisatie en vervreemding van elkaar steeds erger lijkt te worden. Ze heeft een scherpe pen, waar weinigen goed vanaf komen. Tegelijkertijd is er een zwarte humor en een mededogen die maken dat het verhaal zeker niet onleesbaar wordt. Het is absoluut geen pessimistische catalogus van wanhoop zonder lichtpuntjes, al is wel duidelijk dat naïeve onschuld weinig toekomst heeft.

Mooi is dat zoveel verschillende mensen aan het woord komen, zodat je hen leert kennen en ook sympathie voor hen krijgt, zelfs voor figuren die je op het eerste oog helemaal niet sympathiek zou vinden.

Van oude porno-sterren die heel fatsoenlijke en hartelijke mensen blijken te zijn, de oude lesbo’s die het ‘wereldje’ van haver tot gort kennen, de geïntegreerde immigrant die moet toezien hoe zijn dochter steeds fanatieker wordt in het geloof, de rechts-extremist die tegen de nazi’s is en de oude linkse revolutionair die het liefst morgen weer op de barricades zou staan, de mislukte scenarioschrijver en zijn poedel, ze vormen een onwaarschijnlijk maar daarom juist zo onweerstaanbaar geheel. 

Jong en oud, links en rechts, middenklasse, onderklasse en de rijken, Parijzenaar en immigrant, ze horen er allemaal bij. Ze maken deel uit van de maatschappij en vertellen allemaal een deel van hun eigen verhaal en daarmee van het grote geheel.

We beginnen met een Vernon die letterlijk in de goot is terechtgekomen, maar aan het einde van het boek is de hele groep aan het reizen geslagen en worden er geheime bijeenkomsten georganiseerd waar Vernon de dj is die de hele club in vervoering brengt.

Hoe gaat het verder? Ik weet het niet. Ik zou er vrede mee kunnen hebben als het hier eindigt voor Vernon en zijn vrienden, hoewel ik hoop dat er nog een deel komt. Ik zou namelijk graag willen weten hoe het verder gaat met de bekentenissen die op de tape van Alex Bleach staan, en de mensen die we in dit boek (beter) hebben leren kennen. 

Vinden enkelen toch een bestemming en misschien zelfs een vorm van verlossing, of is het hoogtepunt waarmee we eindigen een vorm van zelfbedrog, want eens moet het rad van fortuin weer keren? Ik heb geen idee, maar ik ben er wel benieuwd naar.

Kortom, ik ben nog niet bereid om helemaal afscheid te nemen van Vernon en de anderen en ik hoop op deel III.

Oorspronkelijke Franse titel: Vernon Subutex 2
Uitgegeven in 2015
Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij De Geus
Nederlandse vertaling: Alice Teekman
Bladzijdes: 379

vrijdag 2 december 2016

Dit en dat, december 2016

Fantastic beasts, fantastic film
Vorig weekend ben ik naar de film Fantastic beasts and where to find them geweest. Dit is een film waarvan het scenario is geschreven door J.K. Rowling. Het speelt zich af in het Harry Potter universum, alleen enkele decennia eerder.

Newt Scamander is een jonge wetenschapper uit Engeland, die in 1926 in New York arriveert met een koffer vol magische dieren. Zijn pad kruist dat van de niet-tovenaar Jacob Kowalski, enkele dieren ontsnappen uit de koffer en Scamander en Kowalski moeten zien te bewijzen dat de verwoestingen die worden aangebracht in New York niet door de magische dieren uit de koffer aangericht worden, maar dat er nog iets heel anders speelt.

Ik vond het een heerlijke film, Eddy Redmayne is een fijne Scamander, met genoeg jongensachtige verlegen charme, terwijl ik een beetje verliefd werd op Jacob Kowalski die vol verwondering reageert op de nieuwe wereld die hij leert kennen.

Wat ik waardeer is dat JK. Rowling de donkere kant nooit schuwt, ook hier zijn weer een paar moeilijke verhaallijnen en er gaat iemand dood niet dood had moeten gaan. De special effects zijn mooi (ik zag de film in 3D, erg leuk) en de magische dieren zijn geweldig. Ik vond het ook leuk dat het verhaal zich afspeelt in de jaren ’20, dat levert nog wat extra sfeer.

Het schijnt dat er nog vier films achteraan zullen komen, en als die even goed zijn als deze eerste, dan hebben de Harry Potter-films een perfecte opvolger. 
Ik heb ervan genoten en had na afloop echt even tijd nodig om weer in de gewone wereld terug te komen, zo had de film me te pakken. Heerlijk!

Agatha Christie 
Als ik niet naar de bioscoop kan, moet ik me thuis aangenaam vermaken en ik ben dan ook erg blij met de nieuwe boeken over Agatha Christie die ik net heb binnengekregen.
Ik ben een groot fan van Agatha Christie en hoewel ik weet dat sommige mensen erg op haar boeken neerkijken, vind ik dat niet terecht. Niet al haar boeken zijn even goed, maar ze heeft ijzersterke plots bedacht en haar psychologie klopt bijna altijd.

Ik vind het niet alleen leuk om Agatha Christie zelf te lezen, maar ook om óver haar te lezen. Ik heb net twee nieuwe boeken binnengekregen, waar ik helemaal in wil duiken.

De eerste is Agatha Christie on screen van Mark Aldrigde en dit is een overzicht van alle manieren waarop de verhalen op televisie en op de film zijn verschenen. Super interessant en vol allerlei leuke weetjes.

Het tweede boek is Agatha Christie's complete secret notebooks, een dikke pil waarin de notitieboekjes van Agatha Christie zijn opgenomen, die ze bijhield tijdens het schrijven van haar boeken. Lijstjes met plot-ideeen, uitwerkingen enzovoort. Superleuk en interessant inkijkje in de keuken.
Heb ik even genoeg van de boeken, dan kan ik de televisie aanzetten en genieten van de vele verfilmingen die er zijn gemaakt. Ik heb de Poirot serie met David Suchet helemaal en de verfilmingen van Miss Marple met Joan Hickson.

Enige tijd geleden (2004 alweer) is er een nieuwe serie van Miss Marple gemaakt, niet door de BBC, maar door ITV. In deze serie wordt Miss Marple gespeeld door Geraldine McEwan (seizoen 1-3) en door Julia McKenzie (seizoen 4-6).
Ik heb er nu een paar afleveringen van gezien en vermaak me er erg mee. Nee, erg trouw aan de verhalen zijn ze niet, maar wel heel erg leuk, dus ik vergeef het ze wel. De vele goede Britse acteurs in bijrollen zijn helemaal geweldig.

Vorig jaar is de nieuwste verfilming van And then there were none al op televisie geweest, maar ik heb toen door een foutje in de gids het laatste deel niet gezien. Dit is het bekende verhaal van tien mensen die op een eiland vastzitten nadat ze hier naar toe zijn gelokt onder valse voorwendselen, en vervolgens worden ze één voor één vermoord. Zeer ingenieus en goed opgezet verhaal.

Ik heb de mini-serie nu zelf en kan dus kijken wanneer ik wil. Ook hier enkele aanpassingen aan het originele verhaal, maar verder is het een uitstekende nieuwe versie.

Of het nu koud en donker is buiten maakt mij niet meer uit, ik heb het gezellig met Agatha Christie.


Advent
Maar in deze donkere dagen kunnen we ook alweer uitkijken naar Kerstmis, want de advent is afgelopen zondag weer begonnen. De vier weken voor de kerst, waarin je je bezint en je voorbereidt op de geboorte van het kindje Jezus. Mijn adventskrans staat dus alweer op tafel. 
Mijn eigen versie van de advents-krans
Ik heb een beetje een alternatieve versie. Ik gebruik meestal vier witte kaarsen, maar deze keer heb ik een beetje de liturgische kleuren aangehouden door voor de derde kaars een roze kaars te nemen. Het roze symboliseert dat we op de helft zijn en dat brengt al enige hoop in deze donkere (en koude!) dagen. 

Elke zondag kan er een nieuwe kaars worden aangestoken, een symbool dat het licht steeds dichterbij komt, tot we Kerst hebben en alle kaarsen branden. Een mooi vooruitzicht, ik houd van dit soort tastbare rituelen!
Fijne advent!

woensdag 30 november 2016

Twee zonsondergangen


Twee zonsondergangen van de afgelopen week, zoals ik ze zie vanuit mijn woonkamer.

maandag 28 november 2016

Hold still, Sally Mann

Je zou zeggen dat een foto een herinnering perfect bewaart, maar de paradox is dat een foto een herinnering juist aantast. Elke keer als je de foto bekijkt, verlies je een stukje van de oorspronkelijke herinnering, en komt er herinnering bij van alle keren dat je de foto hebt bekeken.

Sally Mann is één van de bekendste contemporaine fotografen in Amerika. Ze is als Sally Munger in 1951 in Virginia geboren. Haar ouders waren onconventioneel en trokken zich vrij weinig aan van het feit dat ze drie kinderen hadden. Sally groeide nogal wild op en tot ze naar kostschool werd gestuurd kon ze vrijwel haar eigen gang gaan.

Op haar 20e trouwde ze met Larry Mann, die een totaal andere opvoeding had gekregen; zijn ouders vonden conventie en opklimmen op de sociale ladder het allerbelangrijkste wat er was.
Ondanks hun verschillen zijn ze tot op de dag van vandaag gelukkig getrouwd en wonen ze op hun boerderij in Virginia.

Sally was op school geïnteresseerd geraakt in fotografie en nam overal foto’s van, in de eerste instantie van haar familie, maar later ook van het landschap in het Zuiden.

De familiekiekjes waren heel vaak spontane foto’s, waarbij haar kinderen aan het spelen waren en zij ze vroeg om even te pauzeren terwijl ze een foto maakte, waarna de kinderen verder gingen. Soms was ze echter lang bezig om een bepaalde compositie goed te krijgen, (verhoudingen en licht enzo) en waren haar kinderen zo lief om gewoon mee te doen.

In de jaren ’90 ontstond er een flinke controverse over haar fotoboek waarin foto’s van haar kinderen stonden, omdat die kinderen vaak bloot waren. In het puriteinse Amerika van de jaren ’90 waarin iedereen opeens overal kindermisbruik zag, werd ze er bijna van beschuldigd kinderporno te maken. 
Tot een aanklacht kwam het niet, maar de ophef liet wel flinke sporen achter in het gezin.

In dit boek, Hold still, vertelt ze over deze periode. Ze vertelt ook over haar familie en de schandalen waarin haar voorouders betrokken waren, dit leest bijna als een ‘Southern gothic novel’, zoveel vreemde mensen en vreemde gebeurtenissen en nog vreemdere verhoudingen.

Sally Mann gaat ook in op het landschap in het Zuiden, haar geliefde Virginia, en daarbij de verhoudingen tussen de mensen. Ze is opgegroeid in de jaren ’50 en ’60, toen de raciale verhoudingen nog duidelijk verdeeld waren. Zij had, zoals zoveel blanke kinderen in die tijd, een zwart kindermeisje waar ze meer liefde en aandacht van kreeg dan van haar ouders. Maar ook over de ongelijkheid tussen blank en zwart en haar eigen rol hierin is ze eerlijk en kritisch.

Als fotograaf kijk je denk ik anders naar de wereld. Een fotograaf ziet de dingen scherper, maar ook van een zekere afstand, waardoor je beter kunt analyseren. Je maakt momentopnames van het heden, die vanaf dat moment gestolde stukjes verleden zijn, maar die ook niet meer zijn dan dat. Een foto van een persoon is niet de persoon zelf en het is belangrijk deze distantie te maken. 

Een foto kan spontaan zijn, maar ook het resultaat van tientallen pogingen om de compositie en het licht precies goed te vatten. Is het kunst, is het een ambacht of is de grens hiertussen heel vaag?

Hold still is beslist geen chronologisch verhaal, maar is bijna thematisch ingedeeld. Sally Mann kijkt de waarheid bijna onwrikbaar in de ogen en schrikt niet terug voor wat ze door haar lens ziet, ook niet als ze naar het verleden kijkt.

Het is een fascinerend en bijzonder interessant verhaal van een fascinerende en interessante vrouw en fotografe.

Volledige titel: Hold Still. A memoir with photographs
Uitgegeven in 2015
Nog geen Nederlandse vertaling beschikbaar

vrijdag 25 november 2016

Tentoonstelling: Daubigny, Monet en van Gogh

Daubigny (ansichtkaart)
De Franse schilder Charles-François Daubigny (1817-1878) was één van de bekendste schilders in de 19e eeuw. Hij stond vooral bekend om zijn bijzondere landschappen. Hij was namelijk een van de eerste schilders die werkte in de buitenlucht, hij had zelfs een atelier-boot waarmee hij op de rivieren voer en rechtstreeks het landschap vanuit een bijzonder perspectief kon schilderen.

Zijn landschappen laten vooral het leven op het platteland zien, verwijzingen naar de moderne wereld zijn er bijna niet. Op zijn schilderijen geen rokende fabrieken of stoomtreinen, het is het oude Frankrijk dat hij schildert.

De Impressionisten namen op verschillende manieren een voorbeeld aan Daubigny. Ook zij wilden schilderen in de buitenlucht en waren duidelijk geïnspireerd door de landschappen en onderwerpen van Daubigny. Claude Monet kocht op een gegeven moment ook een atelierboot, waarmee hij vanaf de rivier kon schilderen.
Atelierboot van Monet (ansichtkaart)
Ook de losse stijl van schilderen van Daubigny werd door de Impressionisten gezien als een voorbode van hun eigen stijl, waarin de penseelstreken soms duidelijk zichtbaar waren en het grote geheel belangrijker was dan de details.

Bijzonder is dat Daubigny op zijn beurt de nieuwe generatie schilders leuk vond en dingen van hen overnam. Er ontstond een wisselwerking van wederzijdse inspiratie die iedereen voordeel en nieuwe gezichtspunten bracht.

Vincent van Gogh zag Daubigny als een groot voorbeeld, voor hem was het echte (landschap)schilderen begonnen met Daubigny.

In het Van Gogh museum is op dit moment de tentoonstelling: Daubigny, Monet, Van Gogh: Impressies van het landschap te zien.

Hierin zijn heel veel werken van Daubigny te bewonderen, en het wordt mooi duidelijk hoe zijn werk veranderde en steeds ‘moderner’ werd. De vergelijking met schilderijen van Monet is heel bijzonder, je ziet heel goed de overeenkomsten en de inspiratie die Daubigny vormde.

Helemaal leuk wordt het als enkele keren een onderwerp door alle drie de schilders is geschilderd, zoals bij de boomgaard of het veld met klaprozen. Dan zie je hoe ver de invloed van Daubigny reikte en hoeveel de andere schilders aan hem hebben gehad. Bovendien zie je hoe goed Vincent naar andere schilders keek en van hen wilde leren, nooit denkend dat zijn eigen techniek en vaardigheden genoeg waren. Terwijl ik zijn versies eigenlijk altijd de mooiste vind!
Veld met klaprozen, Daubigny (boek)

Veld met klaprozen, Monet (uit boek)

Veld met klaprozen, van Gogh (uit boek)
Er zijn werken bij elkaar gebracht uit iets van 35 verschillende collecties en musea. Het mooie van zo'n tentoonstelling vind ik dat je dus werken ziet die je anders niet zo snel zou zien.

Deze tentoonstelling is nog tot 29 januari 2017 te zien en is zeer de moeite waard, zoals volgens mij elke tentoonstelling in het Van Gogh museum!

Zoals altijd mochten er geen foto's gemaakt worden en heb ik de foto's gemaakt van de ansichtkaarten en uit boeken. 

woensdag 23 november 2016

Chemin de fer



Mooie ijzeren brug in Parijs, nabij het Gare du Nord.
Ik houd van dit soort ijzeren constructies. Ze zijn zo ambachtelijk en zo aards, en tegelijkertijd zo elegant en luchtig.

maandag 21 november 2016

De vloek van de Palmisanos, Rafel Nadal

In een klein Italiaans dorpje sterven in de Eerste Wereldoorlog alle mannelijke nakomelingen van de familie Palmisano. Een van de weduwes is zwanger en als haar zoontje geboren wordt, komt ze met een plan om ervoor te zorgen dat de vloek hem nooit zal treffen. 

Vitantonio groeit op in een familie die de zijne niet is, en een zus die ook niet echt zijn zus is. Pas als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt zal blijken of de vloek van de Palmisanos inderdaad verbroken is.

De schrijver Rafel Nadal (niet de tennisser, trouwens), wordt een bestseller auteur genoemd en De vloek van de Palmisanos is in verschillende landen vertaald.

Op zich las dit boek lekker weg en er stonden een paar goede dingen in. De beschrijvingen van de stad Bari die aan het einde van de Tweede Wereldoorlog door de Luftwaffe gebombardeerd werd, is goed gedaan, dit gedeelte was spannend en vol inleving beschreven.

Ook andere details van het Italiaanse leven in die tijd zoals de slechte positie van de landarbeiders komen goed uit. Er is ook een hoofdstuk over de onthulling van het oorlogsmonument in het dorp dat ontzettend grappig was en dat ik helemaal voor me zag.

Toch viel De vloek van de Palmisanos me tijdens het lezen erg tegen en ik heb er over nagedacht hoe dat komt. Ik denk dat het eraan ligt dat alles zo oppervlakkig blijft. Steeds wordt vooral het uiterlijk van de mensen beschreven, met allerlei bijvoeglijke naamwoorden; de beschrijving ‘haar glanzende volle lippen’ werd me op een gegeven moment echt teveel.

Een echt goede schrijver heeft andere manieren om aan te geven dat een personage elegant of mooi is of bepaalde karaktereigenschappen heeft, dat hoeft niet expliciet beschreven te worden.

Een tweede probleem is dat we van de gedachtewereld van de personages weinig te weten komen Een van de hoofdpersonen vecht mee in de Spaanse burgeroorlog en komt daarna in bezet Frankrijk terecht, maar er wordt alleen gezegd dat ze daar veel meemaakte.

Het derde probleem is dat veel personages een cliché blijven. De goeden zijn goed en de slechten zijn slecht. De mooie zus (die met die volle, glanzende lippen) wordt door de Spanjaarden ‘de reddende engel’ genoemd omdat ze zo goed voor hen zorgt. De slechte neef die een kruiperige bullebak is, wordt natuurlijk fascist.

Ik had het zoveel interessanter gevonden als de fascist een paar goede eigenschappen had gehad of gewoon een aardige vent was geweest en dat die zus twijfels had over wat ze daar in Spanje aan het doen was.

Voeg daarbij wat ontzettend ongeloofwaardige en zelfs melodramatische gebeurtenissen en ik kwam tot de conclusie dat De vloek van de Palmisanos een beetje zwalkt tussen een groots opgezette familiegeschiedenis, een verhandeling over de militaire gebeurtenissen in Italië en de bouquetreeks.

Op zich best ontspannend en niet vervelend om te lezen, maar dit verhaal beklijft niet als je het boek hebt dichtgeslagen.

Originele Spaanse titel: La maledicció dels Palmisanos
Uitgegeven in 2015
Nederlandse uitgave 2016 door Xander uitgeverij
Nederlandse vertaling: Irene van de Mheen
Bladzijdes: 327

vrijdag 18 november 2016

Treffende gelijkenis

Toen ik een paar weken geleden bij de tentoonstelling van de Russische realisten in het Drents museum in Assen was, zag ik dit portret geschilderd door Ilya Repin.
Ilya Repin, N.A. Rimsky-Korsakov
Ik stoof er enthousiast op af, want ik meende de grote schrijver Anton Tsjechov te herkennen (mijn hart sloeg zelfs even over).
Het was echter niet Tsjechov, het was de componist Rimsky-Korsakov.

Toch zag ik enkele overeenkomsten, niet alleen in de haardracht, de baard (hoewel wat langer en woester dan ik van Tsjechov ken) en het brilletje, maar ook in de enigszins vermoeide houding van iemand die worstelt met zijn gezondheid.

Het blijkt dat dit schilderij inderdaad is gemaakt in een periode dat Rimsky-Korsakov het erg moeilijk had en zich veel zorgen maakte, niet alleen over zichzelf, maar ook over het leven van zijn dochtertje.

Kijk naar deze foto van Anton Tsjechov en het schilderij van hem daaronder dat gemaakt is door Osip Bras. Ik denk niet dat mijn vergissing heel vreemd was.
Anton Tsjechov

Anton Tsjechov door Osip Bras

maandag 14 november 2016

Een vreemdeling en een dode Arabier

In De vreemdeling van Albert Camus begint het verhaal met de dood van de moeder van Meursault, de hoofdpersoon. Meursault gaat naar het tehuis waar zijn moeder woonde en is aanwezig bij haar begrafenis. Eén die snel moet plaatsvinden, in de hete Algerijnse zon.

Terug in Oran, de stad waar hij zelf woont, raakt hij betrokken bij de problemen die zijn buurman Raymond heeft met zijn Arabische maîtresse. Meursault helpt Raymond om (op een nogal nare manier) wraak te nemen en vanaf dat moment zijn de mannen kameraden.

De maîtresse van Raymond heeft echter broers en vrienden, die achter Raymond aankomen, waarna Meursault één van hen neerschiet. Zijn enige verdediging is dat hij beinvloed werd door de zon en de hitte. Meursault wordt uiteindelijk ter dood veroordeeld.

Het is een klein verhaal en veel meer dan dit is het niet. Als ik eerlijk ben, is het geen heel fijn boek. Meursault heeft werkelijk niets dat je voor hem inneemt, hij is onverschillig en het lijkt wel of helemaal niets hem raakt.

Als zijn moeder sterft, heeft hij bijna geen emotie, als zijn vriendin met hem wil trouwen stemt hij toe omdat hij geen reden kan verzinnen om ‘nee’ te zeggen en als hij iemand doodschiet, zit hij er ook niet echt mee.

Albert Camus heeft in dit boek niet de mooie zinnen en beeldspraken die ik van de vorige twee boeken die ik van hem heb gelezen zo mooi vond. De vreemdeling heeft een zekere droogheid, een dorheid, zoals ook Meursault een dorre man is, arm in gevoelens en normale responsen.

Je kunt je ook afvragen wie de vreemdeling is, de Arabier die hij niet kende en doodschoot, of Mersault zelf die niet alleen een vreemde is in het land, als pied-noir in Algerije, maar zelfs een vreemdeling is ten opzichte van zijn medemensen. 

In 2013 schreef de Algerijnse schrijver Kamel Daoud een antwoord op De vreemdeling. Een boek geboren uit boosheid, uit woede over het feit dat in De vreemdeling 25x het woord Arabier staat, maar nergens de naam van de dode. 

Zijn perspectief speelt nergens mee en in de rechtszaak wordt hij zelfs bijna helemaal niet genoemd. 

De moordenaar wordt zelfs pas veroordeeld als men vindt dat hij te ongevoelig doet over de dood van zijn moeder, alsof het doden van een Arabier niet voldoende is voor een bestraffing.

In Moussa, of de dood van een Arabier krijgt de dode zijn naam en zijn verhaal terug.

De Franse titel van dit boek is beter dan de Nederlandse, want het laat onmiddellijk zien dat het niet op zichzelf staat en aan alle kanten verbonden is met De vreemdeling, net zoals Algerije nog altijd niet helemaal los is van de koloniale erfenis.

Het verhaal van Moussa wordt verteld door Haroun, zijn jongere broer die nu ver in de tachtig is en in een koffiehuis of café een journalist avonden lang trakteert op een monoloog waarin hij vertelt over zijn grote broer Moussa, die in zijn stokersoveral en zijn espadrilles ’s ochtends de deur was uitgegaan. 

Hij had gezegd dat hij die dag vroeg thuis zou zijn en niemand die had verwacht of wist dat hij naar het strand zou gaan of wat hij daar deed, maar daar vond hij zijn einde.

De jongere broer moet voortaan leven met de schaduw van zijn broer, terwijl hun moeder vergeefs naar gerechtigheid zoekt.

Vreemd genoeg werd ik behandeld als een dode en mijn broer Moussa als een levende, wiens koffie aan het einde van de dag werd opgewarmd, wiens bed wordt opgemaakt en wiens voetstappen men al van heel ver hoort.

Omdat de naam van Moussa nooit wordt genoemd, kan zijn familie niet bewijzen dat hij het is en krijgen ze geen compensatie, want kan iemand een martelaar genoemd worden die twintig jaar voor de oorlog al is gestorven?

Pas tijdens de Onafhankelijkheidsstrijd in 1962 is er eindelijk kans op een weerwoord, een wraak, hoewel het maar de vraag is hoeveel dit oplost voor de jongere broer. Hij kijkt terug op een leven dat verpest is door een moord en hij alle jaren daarna heeft geboet voor het feit dat zijn broer dood is, terwijl de moordenaar een boek heeft geschreven en beroemd is geworden door zijn zinloze misdaad.

Waarom was Moussa die dag nou op dat strand? Dat blijf ik me afvragen. Ik weet het niet. Ledigheid is een makkelijke verklaring, het noodloot te pompeus. Wat deed jóuw held op dat strand? Misschien is dát de juiste vraag. Niet alleen die dag, maar al die dagen! Al een eeuw lang, welbeschouwd. Nee, geloof me, zo ben ik niet. Het kan me niet schelen dat hij Frans was en ik een Algerijn, behalve dan dat Moussa eerder dan hij op het strand was en dat jouw held hem heeft opgezocht. […] 

Wat deed hij juist die dag daar op dat strand? Niet alleen de moord is onverklaarbaar, maar het hele leven van die man. Een lijk dat een prachtige beschrijving maakt van het licht van het land, maar dat vastzit in een hiernamaals zonder goden, zonder hel. Niets anders dan fonkelende sleur. Zijn leven? Als hij geen moord had gepleegd en er niet over had geschreven, zou niemand nog weten wie hij was.

Moussa, of de dood van een Arabier is een bijzondere roman, die niet alleen het verhaal van de dode vertelt, maar ook de gevolgen van kolonialisme voor de voormalige kolonie en de gevaren van te strenge religieuze regels duidelijk maakt. Dit wordt allemaal heel subtiel gedaan en vaak bijna terloops genoemd. Het ligt er beslist niet duimendik bovenop en dat maakt het heel prettig om te lezen omdat het niet alles voorkauwt, maar je aan het denken zet.

Moussa of de dood van een Arabier is namelijk geen gemakkelijk boek in de zin dat de bezetters/ kolonisten fout waren en de Onafhankelijkheidstrijders aan de goede kant stonden. Het afrekenen met het kolonialisme wordt als excuus gebruikt voor andere misdaden.

Het verhaal van Haroun laat zien dat hij uiteindelijk niet zo heel veel verschilt van de moordenaar Mersault. Ook hij heeft een moord gepleegd die uiteindelijk niets betekende en niets heeft opgelost en in zijn opvattingen over religie en de manier waarop in Algerije de fundamentalisten steeds meer invloed krijgen, staat Haroun zelfs naast Mersault.

Nee, een boek met snelle oplossingen is het niet, maar wel een heel goed boek, geschreven in een mooie stijl en ik kan je alleen maar aanraden beide boeken samen te lezen, want je kunt ze niet meer los van elkaar zien. 
Een ongemakkelijke samenspraak.

De vreemdeling:
Originele Franse titel: L’étranger
Uitgegeven in 1942
Deze herziene Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij De bezige bij
Nederlandse vertaling (2013) Peter Verstegen
Bladzijdes: 140

Moussa, of de dood van een Arabier
Originele Franse titel: Meursault, contre-enquête
Uitgegeven in 2013
Nederlandse uitgave 2015 door uitgeverij Ambo/Anthos
Nederlandse vertaling: Manik Sarkar
Bladzijdes: 150
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...