maandag 16 oktober 2017

De acht bergen, Paolo Cognetti

Volgens een Nepalese legende staat er in het middelpunt van de wereld een berg, Sumeru, en daaromheen zijn acht zeeën en acht bergen. Sommige mensen reizen langs alle acht bergen, anderen bereiken de top van de Sumeru. 

De vraag is wie er meer van de wereld heeft gezien of wie een voller leven leidt; degene die alleen de top van één berg ziet die wel het centrum vormt, of degene die alle bergen beklimt?

De ouders van Pietro houden van de bergen en hoewel ze in Milaan wonen, huren ze in de zomer een huisje in een dorp in de Italiaanse alpen. Zijn moeder hoopt hier een mooier en eenvoudiger leven terug te vinden dat ze nooit hebben gehad omdat ze naar de stad zijn verhuisd, en voor zijn vader is het de gelegenheid om eindelijk zijn geliefde bergen in te trekken. Tegelijkertijd wordt ook duidelijk dat het leven in zo’n dorp weinig toekomst kent en hard en gevaarlijk kan zijn.  

Pietro’s vader is geen gemakkelijke man; hij heeft een hekel aan zijn werk en het leven in de stad en is eigenlijk alleen maar echt gelukkig als hij in de bergen is. Hij neemt zijn zoon als die oud genoeg is mee, maar erg gezellig zijn die tochten niet. Voor vader telt alleen het bereiken van de top en klagen over vermoeidheid of een te lang stuk is streng verboden. De strijd om de top te bereiken lijkt wel een beetje op de strijd die vader constant in zijn leven voert.

Pietro sluit in het dorp vriendschap met een jongen van zijn eigen leeftijd, Bruno en deze vriendschap zal de komende jaren blijven bestaan. Voor de vader van Pietro is Bruno eigenlijk de zoon die beter bij hem past, net zo zwijgzaam en gericht op het bergleven.
Als ze ouder worden, komt Pietro niet meer elke zomer naar het dorp en groeien de jongens uit elkaar.

Bovendien zet Pietro zich af tegen zijn vader en als hij zestien is, weigert hij nog langer mee te gaan op diens uitputtende bergtochten. De verwijdering tussen vader en zoon wordt zo groot, dat ze uiteindelijk jarenlang bijna niet meer met elkaar praten.

Pas als vader dood gaat, eenzaam in een auto langs de kant van de weg, wordt niet alleen de vriendschap met Bruno hersteld, maar kan Pietro ook in het reine komen met de herinnering aan zijn vader.

De acht bergen is een bijzonder mooie en fijngevoelige roman over volwassen worden, vriendschap en leren leven met verlies.

Ik vind het altijd fijn als de technische details van iets (in dit geval bergbeklimmen) het verhaal niet in de weg staan. Hier worden net genoeg details gegeven om het realistisch te maken, maar je bent geen handboek aan het lezen. De beschrijvingen van de wilde natuur en de bergwandelingen vormen een integraal onderdeel van het verhaal.

Mooi wordt de relatie tussen Pietro en zijn vader beschreven, moeizaam maar tegelijkertijd weet Pietro als hij zelf volwassen is bepaalde kanten van zijn vader weer te waarderen. De herinneringen die Bruno aan zijn vader heeft, helpen daar zeker bij.

Pietro en Bruno blijven al die jaren vertrouwd met elkaar, al spreken ze elkaar soms jarenlang niet. Hun levens liggen mijlenver uit elkaar. Bruno kent alleen het leven op de alm en wil voelt zich steeds minder thuis in het dal tot hij eigenlijk helemaal niet meer af wil dalen, terwijl Pietro weliswaar van het eenvoudige bergleven houdt, maar na een korte periode weer verder wil en op reis gaat. 

Voor Bruno is het leven in de bergen begin- en eindpunt, voor Pietro is het een rustpunt waar hij af en toe naar terug keert. Toch wordt ook hij natuurlijk gevormd door zijn ervaringen in de bergen en die liefde die zijn ouders hem hebben bijgebracht, als een rode draad blijft dit door zijn leven lopen.

Paolo Cognetti heeft al eerder boeken geschreven en is ook documentaire maker. Dit laatste is wel een beetje te merken in de beeldende manier waarop hij schrijft, de bijna lyrische manier waarop het berglandschap wordt beschreven. Vooral de tegenstelling tussen de eeuwige bergen die er al duizenden jaren zijn en nog duizenden jaren zullen blijven en hoe wij mensen proberen om invloed op ons leven uit te oefenen vormt de subtiele onderlaag van dit verhaal.

Prachtige zinnen en mooie beelden wisselen elkaar af en vormen met elkaar een schitterende roman. Het is naar mijn idee dan ook geen wonder dat De acht bergen de Premio Strega heeft gewonnen. 
Paolo Cognetti is een Italiaanse schrijver om in de gaten te houden.

Originele Italiaanse titel: Le otto montagne (2016)
Nederlandse uitgave 2017 door uitgeverij De bezige bij
Nederlandse vertaling: Yond Boeke en Patty Krone
Bladzijdes: 239

vrijdag 13 oktober 2017

Hollandse meesters, oogappels van de tsaren

Flora, Rembrandt
Sinds 7 oktober is in de Hermitage in Amsterdam een bijzondere tentoonstelling te zien. De tsaren van Rusland waren erg gecharmeerd van de Nederlandse schilderkunst en verzamelden die met veel enthousiasme.

Het begon al met Peter de Grote die een paar Rembrandts meenam naar huis, maar vooral Catharina de Grote was verwoede verzamelaarster die heel wat schilderijen heeft opgekocht. Deze schilderijen vormen een belangrijk deel van de expositie in de Hermitage in Sint Petersburg.

Maar voor de komende acht maanden zijn er meer dan zestig werken van zo'n vijftig Nederlandse schilders uit de 17e eeuw in Amsterdam te zien.

De waarde van deze schilderijen is enorm, en het transport moest dan ook in gedeeltes worden gedaan, om het risico van verlies of vernieling tegen te gaan. Sommige schilderijen zijn via het vliegtuig gekomen, het grootste gedeelte in verschillende vrachtauto's via de weg, mét politie-escorte.

In de tentoonstelling is een belangrijke plek is ingeruimd voor in totaal zeven schilderijen van Rembrandt, waaronder De jonge vrouw met de oorbellen en natuurlijk Flora. Deze werken hebben echt een ereplek gekregen in de grote zaal. Op de tweede verdieping is de verzameling een beetje thematisch gehouden, zoals ook de schilders in de Gouden Eeuw zich specialiseerden in verschillende onderwerpen zoals stillevens, vogelgroepen (heel snoezig) of huiselijke tafereeltjes.

Ik vond de stillevens zoals altijd schitterend en heel fijn was het om een schilderij van Gerrit van Honthorst te zien. Sinds ik hem in Florence bij een tentoonstelling heb ontdekt, vind ik zijn werken steeds mooier worden.

In de vormgeving van de tentoonstelling zie je heel duidelijk dat de inspiratie komt van de schilderijen uit de Gouden Eeuw, zo zie je het mooie leerbehang terug en de geblokte tegelvloeren die je van elk schilderij herkent. Deze vloeren zijn voor de tentoonstelling met de hand gemaakt.

Er zijn niet alleen werken uit de Hermitage uit Sint Petersburg te zien, maar er zijn ook bruiklenen van onder andere het Rijksmuseum en het Mauritshuis. Dit zijn schilderijen die bijvoorbeeld eerst wel in Sint Petersburg waren en in de 20e eeuw door de communisten weer zijn doorverkocht en op die manier terug kwamen in Nederland, of het zijn schilderijen die horen bij één van de werken die uit Rusland zijn gekomen en zo een mooie aanvulling vormen.
Jonge vrouw met de oorbellen, Rembrandt
Het is een bijzondere tentoonstelling en voor mij was het bezoek dit jaar extra bijzonder, want ik ben dit jaar lid geworden van de Vriendenvereniging van de Hermitage. Van de opbrengst van de Vriendenvereniging kan het museum bepaalde zaken betalen, zoals de restauratie van een schilderij of nieuwe lijsten.

En als vriend heb je zelf natuurlijk ook bepaalde voordelen, zoals onbeperkte gratis toegang tot de grote tentoonstelling (en je hoeft niet in een eventuele rij te staan), korting in de winkel en het restaurant én bij een nieuwe tentoonstelling wordt er een zogenaamde 'Vriendendag' gehouden. Hier kun je als een van de eersten de nieuwe tentoonstelling bekijken en bij een korte lezing wat extra informatie horen over de achtergrond van het geheel.

Hier was ik dus afgelopen zaterdag en ik vond het heel mooi om zoveel mensen bij elkaar te zien die dit geweldige museum een warm hart toe dragen. Dat het vervolgens wel een beetje heel erg druk op de tentoonstelling zelf was, was iets minder, maar dat had ik kunnen verwachten.

Er wordt veel drukte verwacht, dus is er iets nieuws geïntroduceerd; het tijdslot. Online kun je kaarten reserveren voor een bepaalde tijd, op die manier wordt de entree een beetje gespreid.
Let wel op, de toegangsprijs is voor deze tentoonstelling ook iets verhoogd.
Maar ja, voor schilderijen die na meer dan 300 jaar weer even thuis zijn, mag je wel iets overhebben!

woensdag 11 oktober 2017

Groninger humor

Ik weet niet of er iemand die niet uit het noorden komt, deze grap begrijpt, maar ik heb er ontzettend hard om gelachen toen ik even doorhad dat het geen Indische naam is oid, maar dat je het hardop uit moet spreken...

maandag 9 oktober 2017

De trein naar Pavlovsk en Oostvoorne, Toon Tellegen

De grootvader van Toon Tellegen van moederskant, kwam uit Rusland. In 1918, na de Russische Revolutie, kwam hij naar Nederland met zijn gezin. 

Toen Toon dertien was overleed zijn opa, maar in de jaren daarvoor had opa hem wel allerlei verhalen verteld. Verhalen over Rusland, over mensen die vreemde dingen meemaakten en andere, vreemde mensen ontmoetten.

Verhalen over de tsaar die een neushoorn cadeau kreeg, een koopman die ervan overtuigd was dat zijn ziel een blauwe vlinder was, een beer die een ontstopbare honger had, de koorddansers van het circus, de Judassen die zich met Pasen ophingen en de sigarenhandelaar die van Christus een opdracht kreeg. 

Er is een verhaal over een dichter, over een neef die gek werd, over een tsaar die de honden van Rusland inzette tegen de Zweden en hoe de sprookjes in Rusland precies anders lopen dan je zou verwachten.

Het zijn verhalen vol herinneringen over Rusland, over de geschiedenis van het land en de familieleden die zijn achtergebleven of zijn overleden. De verhalen lopen niet vaak goed af en soms lopen ze helemaal niet af, dan kan grootvader de woorden niet vinden om het verhaal af te maken. En kleine Toon is nog te jong om door te vragen wat opa nu precies bedoelt met zijn verhaal.

Ondanks de bizarre wendingen komen er in de verhalen mooie levenslessen aan bod en zijn er natuurlijk meerdere lagen te ontdekken.  
‘Als je je middenin het verdriet bevindt,’ zei hij, ‘kun je je je niet voorstellen dat je ooit niet verdrietig zult zijn. Maar als je je middenin het geluk bevindt, besef je altijd dat het zo weer voorbij kan zijn.’

Soms pakt opa de atlas om te vertellen over Rusland en bij elke stadsnaam geeft hij bijzonderheden, waar een veldslag was uitgevochten of waar de beste smeden van Rusland wonen.
‘Daar begint de steppe…’
Als hij het woord steppe zei wist ik dat hij de atlas dicht zou slaan en niet meer over de steden zou spreken.
Ik was toen nog klein en wist niet wat weemoed en verlangen waren. En de enige pijn die ik kende was die van een gat in mijn knie, een oorontsteking en een zwerende vinger.

Het zijn prachtige verhalen, vol verdriet en bitterheid, en inderdaad vol weemoed en verlangen. Het verlangen van iemand die gedwongen is in een ander land te leven dan zijn geliefde geboorteland, al was daar ook veel mis. 

De trein naar Pavlovsk en Oostvoorne is een bijzonder bundeltje met verhalen, dat sterk in de Russische traditie van bijvoorbeeld Tsjechov staat. Ik heb het met heel veel plezier gelezen en ik denk dat iedereen die van Russische verhalen houdt, hier van kan genieten.

Uitgegeven in 2000 door uitgeverij Querido
Bladzijdes: 187

vrijdag 6 oktober 2017

Pepergasthuis

Het Pepergasthuis is één van de oudste hofjes in de stad Groningen. Het werd in 1405 gesticht en was in de eerste instantie bedoeld voor de opvang van pelgrims, die de relikwie van Johannes de Doper in de Martinikerk kwamen bezoeken.

Er werd voor de pelgrims in het gasthuis een eigen kerkje gesticht, genoemd naar de heilige Gertrudis van Nijvel, beschermheilige van reizigers. De officiële naam van het gasthuis was toen ook Geertruidsgasthuis, maar de meeste Groningers kenden het als het Pepergasthuis, gelegen aan de Peperstraat.

Na de reformatie was het niet langer een plek voor pelgrims, maar konden oudere stadbewoners hier een huisje kopen om tot het einde van hun leven verzorgd te worden. Bovendien werd een deel in gebruik genomen als Dolhuis, dit duurde tot 1702 toen er voor hen een nieuw gasthuis kwam.

Tegenwoordig is het hofje nog altijd in gebruik, de huizen zijn gerenoveerd en opgeknapt en het is een heerlijke plek om te wonen. Maar het is ook heel fijn om er als bezoeker even rond te lopen en te genieten van de rust van dit prachtige hofje.





woensdag 4 oktober 2017

maandag 2 oktober 2017

Het verlangen te zijn als alle anderen, Francesco Piccolo

Een mens staat nooit alleen, een mens wordt gedefinieerd in zijn of haar relatie ten opzichte van andere mensen. De gebeurtenissen uit de grote wereld hebben invloed op het leven van zelfs de meest teruggetrokken mensen. 

Een kind heeft hier nog geen weet van, voor een kind begint en eindigt de wereld met zichzelf. Maar er komt een moment dat ook een kind beseft dat het deel uitmaakt van iets groots en dat je nooit alleen staat, nooit alleen leeft.

De hoofdpersoon van dit verhaal beseft zich dit als hij negen is en ’s avonds met zijn vriendjes het park is ingeslopen. Hij was niet de eerste of de enige en zou ook niet de laatste zijn die op dat bankje zat en opeens was hij verbonden met al die andere mensen die in het park kwamen.

Daarna blijkt dat de wereld van invloed is op hemzelf, als door een choleraepidemie de vakantie wordt afgebroken, of als hij communist wordt als hij samen met zijn vader de wedstrijd tussen West- en Oost-Duitsland ziet en medelijden krijgt met de Oost-Duitsers.
En er was nog iets: de trainer en de spelers op de bank van Oost-Duitsland droegen een doodeenvoudig lichtblauw trainingspak, zoals ik ook zou kunnen hebben, met een enorme opdruk DDR, die eruitzag alsof de moeders van de spelers die erop hadden genaaid, precies zoals mijn moeder een rugnummer op mijn shirt naaide.

Het boek is verdeeld in twee gedeeltes, in het eerste deel gaat het over de jeugd van de hoofdpersoon, van wie we de naam trouwens niet te weten komen. De politiek wordt steeds belangrijker voor hem en de gebeurtenissen in Italië vormen zijn geweten en persoon. Zijn communisme verlaat hem niet meer, net zo min als zijn bewondering en genegenheid voor Berlinguer, de leider van de Italiaanse communistische partij. Vooral de oprechtheid van Berlinguer spreekt hem aan.

De communistische partij was sinds de Tweede Wereldoorlog behoorlijk groot in Italie, maar was steeds uitgesloten bij het regeren. In de jaren ’70 is er kans op een compromis, als Aldo Moro van de Christendemocraten onderhandelt met Berlinguer, maar dit eindigt in het niets als de Rode Brigades Aldo Moro ontvoeren en vermoorden, een gebeurtenis waardoor iedereen wel partij moet kiezen.
Die ochtend zou geen enkele Italiaan zijn eigen afzonderlijke bestaan kunnen onttrekken aan zijn deelname aan de gemeenschap. Iedereen, zelfs de meest onbewuste mensen, werd die dag noodgedwongen voor de tweede keer geboren.

In het tweede deel van het boek is de hoofdpersoon volwassen geworden en ziet hij steeds meer de smerigheid van de politiek. Het idealisme van de jeugd is een beetje verdwenen, niet alleen door de opkomst van Berlusconi en het netwerk van corruptie dat werd blootgelegd tijdens de Operatie Schone Handen, maar ook omdat hij volwassen wordt en trouwt. En praktisch wordt.

Wat bijzonder grappige dilemma’s oplevert als je illegaal wat tussenverdiepingen in je huis hebt gebouwd. Stem je links zoals je geweten het zegt, terwijl je dan waarschijnlijk je eigen tussenverdiepingen moet afbreken, of stem je rechts in de hoop dat die tussenverdiepingen met rust gelaten worden? Of stem je links in de hoop dat rechts wint?

Op allerlei momenten komen politiek en persoonlijk leven en de tegenstellingen en de overeenkomsten hiertussen aan bod, en dan ook nog eens heel mooi verwoord. Hoe was de politieke situatie in Italië in de jaren ’70, ’80 en ’90 en hoe kun je je als mens daarin zo goed mogelijk staande houden? En hoe verander je als je ouder wordt, wat voor invloed heeft de wereld dan nog op jou en jij op de wereld om je heen?

Het verlangen te zijn als alle anderen is een prachtige Italiaanse roman vol lagen, waarin het politieke gedeelte geen moment saai wordt, omdat het zo goed verteld wordt en zo goed past binnen het verhaal en zo mooi verweven is met het leven van de hoofdpersoon. Heel bijzonder en het is wat mij betreft dan ook geen wonder dat Francesco Piccolo met die boek in 2013 de Premio Strega won.

Originele titel: Il desiderio di essere come tutti (2013)
Nederlandse uitgave 2017 door uitgeverij Wereldbibliotheek
Nederlandse vertaling: Miriam Bunnik en Mara Schepers
Bladzijdes: 303
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...